Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Schroeweg te Middelburg op 15 april 2022. Betrokkene stelde dat hij een pasjeshouder vasthield en niet een telefoon, maar kon dit niet nader onderbouwen. De verklaring van de verbalisant werd als voldoende bewijs geaccepteerd.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en de boete terecht is opgelegd. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de behandeling van de zaak was overschreden, waardoor de boete met 25% werd gematigd. Daarnaast werd een proceskostenvergoeding toegekend voor de fase bij de kantonrechter.
De uitspraak werd gedaan op 5 augustus 2024 door kantonrechter R.J.H. de Brouwer. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De boete wegens vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden is gematigd met 25% wegens overschrijding van de redelijke termijn en de proceskosten zijn vergoed.