Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1960 te [geboorteplaats];
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 18 september 2024 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 7:11 Wvggz Pro ten behoeve van betrokkene, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene vertoonde ernstig nadeel door verwaarlozing, fysiek agressief gedrag en bizarre gedragingen, mede veroorzaakt door het weigeren van medicatie.
Tijdens de mondelinge behandeling werd betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn advocaat, evenals de behandelend psychiater. De officier van justitie was niet aanwezig. De psychiater lichtte toe dat betrokkene ondanks eerdere vrijwillige medicatiegebruik regelmatig medicatie weigerde, wat leidde tot ontregeling en gevaarlijke situaties. De advocaat betoogde dat het toestandsbeeld nagenoeg onveranderd was en dat betrokkene liever vrijwillige zorg wil.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene gezien zijn stoornis en gedragsproblemen niet voldoende zal meewerken aan noodzakelijke zorg zonder verplichte maatregelen. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de voorgestelde zorg is evenredig en noodzakelijk. Daarom verleent de rechtbank een zorgmachtiging voor zes maanden, waarbij verplichte zorg bestaat uit medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking en opname in een accommodatie.
De beschikking is mondeling gegeven en op 2 oktober 2024 schriftelijk uitgewerkt. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte medicatie, bewegingsbeperking en opname.