Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1979 te [geboorteplaats] ;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 18 september 2024 uitspraak gedaan over het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene. Betrokkene vertoonde een acute psychotische toestand met gedragsproblemen en een reëel risico op agressieve reacties en maatschappelijke teloorgang. Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, een psychiater, arts-assistent en begeleider gehoord, terwijl de officier van justitie niet aanwezig was.
Betrokkene verzette zich tegen de voortzetting van de maatregel en gaf aan dat hij thuis ambulante zorg ontvangt en geen verplichte zorg wenst. De psychiater stelde dat betrokkene nog steeds psychotische symptomen vertoont en dat verplichte zorg noodzakelijk is om verdere escalatie te voorkomen. De advocaat van betrokkene erkende de zorgelijke situatie, maar vond klinische opname niet noodzakelijk.
De rechtbank concludeerde dat er een ernstig vermoeden bestaat dat betrokkene lijdt aan meerdere psychische stoornissen, waaronder een floride manische psychose, en dat er onmiddellijk dreigend ernstig nadeel is. De rechtbank achtte een deel van de gevraagde zorgvormen noodzakelijk, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, opname en beperkingen in de vrijheid om het eigen leven in te richten. Minder bezwarende alternatieven ontbraken en de verplichte zorg werd als evenredig en effectief beoordeeld.
De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel werd verleend tot en met 9 oktober 2024, met de genoemde zorgvormen als verplichte zorg. Het meer of anders verzochte werd afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorgvormen tot en met 9 oktober 2024.