Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van het geding
2.Het geschil en de beoordeling
3.De beslissing
29 maart 2024 en van deze beschikkingen als één geheel afschrift respectievelijk grosse verstrekt;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De werknemer verzocht om herstel en aanvulling van een eerdere beschikking van 29 maart 2024 in een arbeidsrechtelijke procedure tegen Waterschap Brabantse Delta. Zij stelde dat diverse punten onjuist of onvolledig waren weergegeven, waaronder het ontbreken van een oordeel over het UWV, de benaming van haar functie, en het niet meenemen van bepaalde processtandpunten.
De kantonrechter overwoog dat het UWV geen partij is in deze procedure en dat de kantonrechter niet bevoegd is het handelen van het UWV te beoordelen. Verzoeken die betrekking hadden op het UWV werden daarom afgewezen. Ook andere herstelverzoeken die feitelijke weergaven of inhoudelijke beoordelingen betroffen, werden afgewezen omdat deze geen kennelijke fouten vormden.
Wel werd een kennelijke fout geconstateerd in de onjuiste vermelding van de partijnaam in de beschikking, welke werd hersteld. De kantonrechter handhaafde verder de inhoud van de beschikking van 29 maart 2024 en wees de overige herstelverzoeken af.
Uitkomst: De kantonrechter herstelt de onjuiste partijnaam in de beschikking en wijst de overige herstel- en aanvullingsverzoeken af.