Eiser verzocht de korpschef om inzage in zijn persoonsgegevens op grond van de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet open overheid (Woo). De korpschef verleende inzage en verstrekte een overzicht van registraties waarin eiser werd genoemd. Eiser betwistte de volledigheid van dit overzicht, met name met betrekking tot een incident op 13 januari 2022 bij de Oranjekazerne.
De rechtbank oordeelde dat het overzicht niet volledig was omdat er meer gegevens waren verwerkt dan aanvankelijk vermeld. De korpschef heeft na aanvullend onderzoek deze gegevens alsnog aan eiser verstrekt. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit vanwege deze onvolledigheid en stelt dat de verwerkte politiegegevens bestaan uit het oorspronkelijke overzicht en de aanvullende gegevens uit augustus 2024.
Daarnaast wees de rechtbank het beroep van eiser op inzage op grond van de Woo af, omdat de Wpg dit regime uitputtend regelt. De rechtbank bepaalt dat de korpschef het griffierecht van eiser moet vergoeden, maar wijst proceskosten af omdat eiser zich niet door een beroepsmatig rechtsbijstandverlener heeft laten bijstaan.