ECLI:NL:RBZWB:2024:7438
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beperking inzage persoonsgegevens in lopend politieonderzoek gerechtvaardigd
Eiser verzocht op 21 april 2024 bij de korpschef van de politie om inzage in zijn persoonsgegevens. De politie weigerde op 7 mei 2024 inzage in bepaalde registraties omdat deze nog in onderzoek waren. Eiser vroeg op 5 augustus 2024 om herziening van dit besluit, maar dit werd op 27 augustus 2024 afgewezen als herhaald verzoek op grond van artikel 4:6 Awb Pro.
Eiser stelde op 20 september 2024 beroep in tegen deze afwijzing en vroeg op 30 september 2024 om een voorlopige voorziening. De rechtbank beoordeelde dat de stukken betrekking hebben op de zaak en dat beperking van kennisneming, gezien de aard van het onderzoek, gerechtvaardigd is.
De rechtbank besloot op 30 oktober 2024 dat de beperking van inzage in de genoemde stukken rechtmatig is, waarmee de politie niet verplicht is deze gegevens vrij te geven. Er staat nog geen hoger beroep open tegen deze beslissing, maar dit kan worden ingesteld samen met het hoger beroep tegen de einduitspraak.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt dat de beperking van inzage in persoonsgegevens die nog in onderzoek zijn gerechtvaardigd is.