Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] B.V.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is beboet voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Rijksweg A58 te Waarde op 11 oktober 2022. Betrokkene stelde dat er sprake was van twee boetes voor één overtreding, wat in strijd zou zijn met het ne bis idem-beginsel, en ontkende het vasthouden van het apparaat. Tevens werd aangevoerd dat de verbalisant niet het type toestel had genoteerd en dat betrokkene niet staande was gehouden terwijl dat mogelijk was, wat de belangen zou schaden.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt voor de overtreding, en dat de enkele ontkenning van betrokkene onvoldoende is om daaraan te twijfelen. De kantonrechter verwierp het ne bis idem-verweer omdat de boetes op verschillende tijdstippen en locaties waren vastgesteld. Ook was er geen sprake van overschrijding van de redelijke termijn.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De uitspraak werd gedaan op 18 oktober 2024 door de kantonrechter W.H.C. van Eck.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.