Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het parkeren zonder vergunning op een vergunninghoudersparkeerplaats. Betrokkene stelde dat er onduidelijkheden waren over de vergunningen en dat een geldige vergunning met terugwerkende kracht was verleend.
De kantonrechter stelde vast dat niet bewezen was dat betrokkene de overtreding had begaan, mede omdat betrokkene tijdig de onjuistheden had hersteld en een geldige vergunning kon overleggen. Hierdoor was de boete onterecht opgelegd.
De beslissing van de officier van justitie en de boete werden vernietigd. Betrokkene kreeg het betaalde bedrag terug en een proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan op 18 oktober 2024 en er is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de boete vernietigd wegens het aantonen van een geldige vergunning.