ECLI:NL:RBZWB:2024:76
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Broeders
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek zorgmachtiging wegens vrijwilligheid betrokkene bij verplichte zorg
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 4 januari 2024 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, die reeds in een crisismaatregel verbleef. Het verzoek betrof verplichte zorg voor zes maanden, waaronder medicatietoediening, bewegingsbeperkingen en opname.
Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde betrokkene vrijwillig te willen blijven en het advies van deskundigen te volgen. De psychiater en verpleegkundige bevestigden dat betrokkene meewerkend is, medicatie accepteert en geen verzet toont, hoewel betrokkene nog symptomen vertoont zoals schreeuwen. De advocaat voerde aan dat er geen indicatie is dat zorg niet vrijwillig kan worden verleend.
De rechtbank oordeelde dat de criteria voor verplichte zorg niet zijn vervuld, omdat betrokkene vrijwillig zorg ontvangt en er een minder bezwarend alternatief bestaat. De noodzaak voor een zorgmachtiging is onvoldoende onderbouwd. Het verzoek werd daarom afgewezen. De rechtbank vertrouwt erop dat betrokkene de positieve lijn voortzet en de medicatie blijft gebruiken zolang noodzakelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging wordt afgewezen wegens vrijwilligheid van betrokkene.