ECLI:NL:RBZWB:2024:7641
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor fietsenwinkel ondanks bestemmingsplanafwijking
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Geertruidenberg verleende omgevingsvergunning voor het realiseren van een fietsenwinkel aan een adres te plaats 1. De vergunning betreft een afwijking van het bestemmingsplan, aangezien detailhandel niet is toegestaan binnen de enkelbestemming Gemengd-1 met horecafunctie. Het college heeft het bezwaar van eisers ongegrond verklaard en de vergunning in stand gelaten.
De rechtbank beoordeelt of het college de vergunning terecht heeft verleend met toepassing van de kruimelgevallenregeling en het afwijkingenbeleid van de gemeente Geertruidenberg. Eisers betogen dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met hun belangen, met name het aantasten van het vrije uitzicht en de leefkwaliteit door de hogere muur en de uitbreiding achter de perceelgrens.
De rechtbank stelt vast dat het college het bouwplan heeft getoetst aan het afwijkingenbeleid en dat het plan binnen de uitgangspunten daarvan past. De kleine overschrijding van de goothoogte is niet of nauwelijks van invloed op het vrije uitzicht van eisers, die geen recht op een blijvend vrij uitzicht hebben. Het beleid verbiedt geen geringe verslechtering van de leefkwaliteit, maar wel substantiële verslechtering, die hier niet is vastgesteld.
De rechtbank concludeert dat het college voldoende heeft gemotiveerd dat de vergunningverlening in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de omgevingsvergunning in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.