ECLI:NL:RBZWB:2024:7663
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslag forensenbelasting 2022 gemeente Goes
Belanghebbende is eigenaar van een woning in de gemeente Goes, die hij niet verhuurt en waarvan hij het hoofdverblijf elders heeft. De heffingsambtenaar legde voor 2022 een aanslag forensenbelasting op, waartegen belanghebbende bezwaar maakte. De rechtbank beoordeelt of de aanslag terecht is opgelegd.
De forensenbelasting is bedoeld voor personen die geen hoofdverblijf in de gemeente hebben maar wel een gemeubileerde woning voor zichzelf of hun gezin beschikbaar houden op meer dan 90 dagen per jaar. Belanghebbende stelde dat de woning als hoofdverblijf van zijn volwassen kinderen moet worden beschouwd en dat de heffing onrechtvaardig is.
De rechtbank stelt vast dat de bewijslast bij de heffingsambtenaar ligt om aan te tonen dat de woning ter beschikking stond. Belanghebbende slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de woning niet voor hem of zijn gezin beschikbaar was, mede omdat zijn kinderen niet op het adres stonden ingeschreven en er geen andere gegevens waren die het exclusieve gebruik door de kinderen aantoonden.
De rechtbank oordeelt dat de gemeente binnen haar wettelijke bevoegdheid heeft gehandeld en dat de omstandigheden geen onrechtvaardigheid opleveren. Daarom blijft de aanslag forensenbelasting 2022 in stand en wordt het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag forensenbelasting 2022 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.