De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 29 oktober 2024 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf voor betrokkene, geboren in 1950, met een psychogeriatrische aandoening, te verlenen.
Betrokkene gaf aan dat het goed met hem gaat en hij graag naar huis wil, terwijl de specialist ouderengeneeskunde en afdelingsverpleegkundige stelden dat het gedrag voortvloeiend uit het dementieel syndroom ernstige risico's oplevert en dat het thuissysteem overbelast is. De advocaat van betrokkene voerde aan dat onvoldoende was onderzocht of opschaling van thuiszorg en dagbesteding mogelijk was.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene lijdt aan dementieel syndroom type Alzheimer met gedragsproblemen die leiden tot ernstig lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en gevaar voor veiligheid. De noodzakelijke 24-uurszorg kan niet thuis worden geboden vanwege overbelasting van het steunsysteem. Minder bezwarende alternatieven ontbreken.
Daarom verleende de rechtbank de machtiging tot opname en verblijf voor de duur van zes maanden, tot en met 29 april 2025. De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken, met mogelijkheid tot cassatie.