Betrokkene is in 2016 veroordeeld en sindsdien onder TBS met verpleging geplaatst wegens ernstige delicten en ontoerekenbaarheid. De maatregel is sinds 2018 van kracht en vatbaar voor verlenging.
De TBS-instelling rapporteert dat betrokkene lijdt aan een antisociale persoonlijkheidsstoornis en een psychotische stoornis door cocaïnegebruik, momenteel in remissie. Betrokkene verblijft sinds 2019 in de kliniek en functioneert stabiel op de interne resocialisatieafdeling. Onbegeleid verlof verloopt goed, maar zonder professionele begeleiding is het risico op een nieuw geweldsdelict hoog.
De officier van justitie vordert verlenging met twee jaar, terwijl de verdediging akkoord gaat met verlenging maar pleit voor één jaar. De rechtbank oordeelt dat het recidivegevaar nog aanwezig is en dat de behandeling meer tijd vergt dan één jaar, maar kiest toch voor een verlenging van één jaar, mede gelet op de positieve ontwikkelingen en het nader te toetsen transmuraal verlof en externe resocialisatie.
De rechtbank benadrukt dat bij een verlenging van slechts één jaar mogelijk al binnen die termijn kan worden geëvalueerd of voorwaardelijke beëindiging mogelijk is. De beslissing tot verlenging met één jaar wordt op 20 november 2024 uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant.