Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De procesafspraken
- zal rekwireren tot een bewezenverklaring van de aan verdachte tenlastegelegde feiten, te weten deelname aan een criminele organisatie gericht op Opiumwetfeiten (feit 1), het medeplegen van de productie van harddrugs en het treffen van voorbereidingshandelingen daarvoor (feit 2) en het voorhanden hebben van een busje traangas (feit 3);
- zal rekwireren tot een gevangenisstraf voor de duur van 34 maanden met aftrek van de periode dat verdachte in voorarrest heeft gezeten en een geldboete ter hoogte van € 48.480,- bij niet betalen te vervangen door 277 dagen vervangende hechtenis;
- zal geen ontnemingsvordering indienen.
- erkent geen schuld en legt geen bekennende verklaring af;
- doet schriftelijk afstand van de in beslag genomen goederen;
- zal gedurende het proces in eerste aanleg (in beginsel) geen aanhoudingsverzoeken
- zal zich niet aan de tenuitvoerlegging van de straf onttrekken;
- aanvaardt c.q. accepteert geen aansprakelijkheid voor vermeende schade voortvloeiend uit de feiten.
5.De bewijsbeslissing
6.De strafbaarheid
7.De strafoplegging
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
een gevangenisstraf van 34 maanden;
betaling van een geldboete van € 48.480,-;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
277 dagen;