Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
(dossier Echo en Bravo);
(dossier Echo).
3.De voorvragen
(hierna: Sv)vermeld rechtsgevolg moet leiden. Om die reden is verzocht het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vervolging, dan wel om de Exclu-berichten van het bewijs uit te sluiten.
(hierna: het EVRM). Dit is tevens in strijd met het verbod op détournement de pouvoir. Bovendien geldt dat -indien van een oneigenlijke inzet geen sprake is- de onderschepping van enorme hoeveelheden berichten van alle gebruikers (bulkinterceptie) eveneens op gespannen voet staat met het recht op een eerlijk proces en het recht op privacy, alsook met de Europese jurisprudentie op dit punt
.Voorts is aangevoerd dat verdachte onevenredig zwaar wordt getroffen door de met artikel 8 EVRM Pro strijdige verwerking van die berichten. De verdediging ziet zich ook voor de vraag gesteld in hoeverre de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit zijn gerespecteerd, gedurende het proces dat over de Exclu-gegevens beschikt zou gaan worden.
aanbiedersvan het platform Exclu.
gebruikersvan Exclu.
“Exclu”niet één keer voorkomt in het 67 pagina’s tellend vonnis van de Duitse rechtbank. Voorts is de rechtbank van oordeel dat de raadsman zijn stellingname, over de relatie tussen de [bedrijf] die verantwoordelijk is voor de complete ontwikkeling van Exclu-Messenger, onvoldoende heeft onderbouwd. Uit de verantwoordingstukken blijkt namelijk dat de applicatie Exclu alleen wordt ‘gehost’ op de server van de [bedrijf] . Dat wil zeggen op de site van de server online staat en bewaard wordt. Daar komt nog bij dat, kort na inbeslagname van de server van de [bedrijf] in 2019, de applicatie Exclu vermoedelijk via een back-up online is gezet op de server van OVH in Frankrijk. In 2021 gaat dit weer over op een server van Hetzner in Duitsland. Dat betekent concreet dat de Exclu-applicatie dus ook nog eens drie jaar op andere servers is ‘gehost’, nog daargelaten het feit dat online staan en bewaren niet hetzelfde inhoudt als compleet ontwikkelen van een applicatie.
(vgl. ECLI:NL:HR:2023:913).De rechtbank dient na te gaan of de rechter-commissaris in redelijkheid tot zijn beslissingen tot tappen respectievelijk hacken van de Exclu-server heeft kunnen komen. De rechtbank dient ervoor zorg te dragen dat eventueel gebruik van de verkregen Exclu-gegevens zich verhoudt met het recht op een eerlijk proces, in die zin dat de rechtbank de “overall fairness” van de strafzaak tegen verdachte moet waarborgen.
De verweren die op dit punt door de verdediging zijn aangedragen slagen niet.
Het oordeel van de rechtbankDe rechtbank dient de vraag te beantwoorden of met de verwerking, dan wel het gebruik van de Exclu-data, een inbreuk is gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van verdachte. Het staat vast dat verdachte geen enkele verklaring heeft afgelegd en tijdens de politieverhoren een integraal beroep gedaan heeft op het zwijgrecht. Verdachte heeft er ook het zwijgen toegedaan bij de vraag of hij de gebruiker is van het Exclu-ID-account [account 1] met gebruikersnaam ‘ [gebruikersnaam 1] ’. De verdediging heeft vervolgens, al dan niet tegen de achtergrond van dat zwijgrecht, enkel aangevoerd dat sprake is van algemene inbreuken op de persoonlijke levenssfeer. Er is geen nadere onderbouwing gegeven over de aard en intimiteit van de gesprekken die nog meer gevoerd zouden zijn. Er is bovendien geen enkele aanleiding om te veronderstellen dat de Exclu-data is doorzocht op andere trefwoorden dan de delictgerelateerde termen die de rechter-commissaris heeft toegelaten, bijvoorbeeld terminologie die verband houdt met privacy gerelateerde aangelegenheden. Dit is noch gesteld, noch anderszins aannemelijk geworden. De rechtbank concludeert op basis van deze vaststellingen dat in onderhavige zaak, bij de verwerking/gebruikmaking van de Exclu-data, ook geen (onevenredige) inbreuk is gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van verdachte
Het oordeel van de rechtbankDe rechtbank is van oordeel dat de door de rechter-commissaris gegeven machtigingen voldoen aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit, waarbij de rechtbank één en ander overigens slechts marginaal toetst. De rechtbank heeft hiervoor al vastgesteld dat er geen sprake is geweest van ongedifferentieerde bulkinterceptie of van ongerichte ‘fishing expeditions’. Er is immers slechts gezocht met behulp van vooraf vastgestelde zoeksleutels, die sterke aanwijzingen opleveren voor georganiseerde zware criminaliteit. De rechter-commissaris heeft de geselecteerde informatie eerst gecontroleerd (op inhoud, omvang en relatie tot strafbare feiten) voordat verdere verspreiding onder het onderzoeksteam heeft kunnen plaatsvinden. Er is bovendien sprake geweest van een periodieke termijn waarin opnieuw getoetst moest worden of de machtigingen voor verlenging in aanmerking konden komen. Tot slot heeft de rechter-commissaris in de beschikkingen aantoonbaar meegewogen dat de informatie niet op een andere, minder ingrijpende, wijze kon worden verkregen en gebruikt dan de gehanteerde manier die thans gevolgd is. De verweren op dit punt worden gepasseerd.
3.4 VervolgingEr is geen reden voor schorsing van de vervolging.
4.De beoordeling van het bewijs
4.4 De inleidende overwegingen met betrekking tot het Exclu-account
[medeverdachte 2] (sr.), geboren op [geboortedag 2] 1977 te [geboorteplaats 2] betreft;
[medeverdachte 3], geboren op [geboortedag 3] 1983 te [geboorteplaats 2] betreft;
[medeverdachte 4], geboren op [geboortedag 4] 1967 te [geboorteplaats 3] betreft;
[medeverdachte 5], geboren op [geboortedag 5] 1993 te [geboorteplaats 4] betreft.
niet geïdentificeerd;
niet geïdentificeerd.
(hierna: BMK)en Piperonylmethylketon
(hierna: PMK)in olie of in poedervorm. Het is een feit van algemene bekendheid dat BMK en PMK belangrijke precursoren zijn voor de productie van amfetamine en MDMA. Daarnaast heeft verdachte met derden de technologie besproken voor het zelfstandig kunnen bereiden van BMK en PMK. Er zijn meerdere foto’s van productieketels gestuurd, waarbij wordt beschreven welke functie deze onder meer hebben.
‘tikken’,waarmee het tabletteren van pillen (MDMA) wordt bedoeld.
‘een stash man’.
‘500P is gepakt zijn binnen gegaan bij loods net’.
(stap I). Van de verdachte mag vervolgens worden verlangd dat hij een verklaring geeft, waaruit blijkt dat de ten laste gelegde voorwerpen
nietvan misdrijf afkomstig zijn
(stap II). Die verklaring moet concreet, min of meer verifieerbaar, en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk zijn
(stap III). Bij de beoordeling van deze verklaring spelen de omstandigheden waaronder en het moment en de wijze waarop deze tot stand is gekomen een rol. Zo kan het van belang zijn of de verdachte van meet af aan een tegenwicht tegen de verdenking heeft geboden of dat hij pas in een laat stadium van het onderzoek is gaan verklaren. Zodra de verklaring van verdachte voldoende tegenwicht biedt, ligt het op de weg van de officier van justitie om nader onderzoek te doen naar die verklaring en de daarin gestelde alternatieve herkomst van de goederen. Als een dergelijke verklaring is uitgebleven, mag de rechter die omstandigheid betrekken in zijn bewijsoverwegingen
(stap IV). Uit de resultaten van dat onderzoek zal dienen te blijken of met voldoende mate van zekerheid kan worden uitgesloten dat de goederen waarop de verdenking betrekking heeft een legale herkomst hebben en dat een criminele herkomst als enige aanvaardbare verklaring overblijft.
(stap V)
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van vijf jaar;
betaling van een geldboete van € 50.000,-;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
285 dagen;