ECLI:NL:RBZWB:2024:8249
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning op basis van aankoopprijs en taxatierapport
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, die op 1 januari 2022 werd vastgesteld op €343.000. Hij stelde dat de waarde maximaal €295.000 zou moeten zijn, onderbouwd met een taxatierapport dat een marktwaarde van €310.000 aangaf. De heffingsambtenaar handhaafde de waarde op basis van de aankoopprijs van €345.350 die belanghebbende op 10 januari 2022 betaalde.
De rechtbank overwoog dat volgens vaste rechtspraak de waarde van een woning kort voor of na de waardepeildatum in principe gelijk is aan de betaalde aankoopprijs, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat deze prijs niet de werkelijke marktwaarde weerspiegelt. Belanghebbende droeg hiervoor onvoldoende bewijs aan. Het taxatierapport was opgesteld vóór de aankoop en gaf een lagere waarde aan, maar belanghebbende was bereid meer te betalen, wat volgens de rechtbank de marktwaarde weerspiegelt.
De overige argumenten van belanghebbende waren onvoldoende om af te wijken van de vastgestelde waarde. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, handhaafde de WOZ-waarde en de aanslag onroerendezaakbelasting, en wees een vergoeding van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van €343.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB gehandhaafd.