Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
DVS, een Belgische vennootschap, voerde bouw- en renovatiewerkzaamheden uit in de woning van gedaagde in Nederland. Na het niet betalen van facturen vorderde DVS betaling van €14.821,19. Gedaagde stelde dat het werk gebreken vertoonde, zoals lekkage, schimmelvorming en slechte afwerking, en schortte betaling op.
De rechtbank oordeelde dat gedaagde de gebreken voldoende had onderbouwd voor een deel van de klachten, zoals lekkage bij de ramen en slecht pleisterwerk, terwijl andere klachten onvoldoende waren bewezen. De rechter stelde vast dat deze gebreken een opschorting van 20% van de factuursom rechtvaardigen.
De rechtbank wees de vordering van DVS toe tot een bedrag van €11.856,95 en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van 80% van de factuursom wegens gebreken aan het werk, met compensatie van proceskosten.