ECLI:NL:RBZWB:2024:8459

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
11 december 2024
Publicatiedatum
11 december 2024
Zaaknummer
C/02/429372/KGZA 24-583 (E)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • Römers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing schorsing executie verstekvonnis ontruiming woning zorgcliënt

Tussen de zorginstelling Amarant en de zorgcliënt [eiseres] is een zorg- en dienstverleningsovereenkomst gesloten, waarbij Amarant zorg in natura levert. Na ernstige incidenten en het herhaaldelijk weigeren van passende zorg heeft Amarant de overeenkomst opgezegd en de cliënt per 1 november 2024 verzocht de woning te verlaten.

De cliënt heeft de woning niet verlaten, waarna bij verstekvonnis van 27 november 2024 is bevolen de woning te ontruimen en een gebiedsverbod opgelegd. De ontruiming is deels uitgevoerd op 5 december 2024, waarbij de cliënt zich verzette en gedwongen werd opgenomen.

De cliënt verzoekt schorsing van de executie van het vonnis, stellende dat zij kwetsbaar is, de opzegtermijn niet is gerespecteerd en Amarant misbruik van bevoegdheid maakt. Amarant voert verweer en benadrukt de ernstige incidenten en het weigeren van zorg door de cliënt.

De rechtbank overweegt dat het belang van Amarant zwaarder weegt vanwege de bedreigingen en agressie van de cliënt, het rechtmatig beëindigen van de overeenkomst en het ontbreken van openheid voor alternatieve zorglocaties. De vordering tot schorsing wordt afgewezen en de cliënt wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De vordering tot schorsing van de executie van het verstekvonnis wordt afgewezen en de cliënt wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

rECHTBANK Zeeland-West-Brabant

Civiel recht
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: C/02/429372 / KG ZA 24-583
Vonnis in kort geding van 11 december 2024
in de zaak van
[eiseres],
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres] ,
advocaat: mr. F. Kaloudis,
tegen
STICHTING AMARANT,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Amarant,
advocaat: mr. A.C. Beijering-Beck.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 4 december 2024 met producties I t/m IV,
- de producties 1 t/m 3 van Amarant,
- de mondelinge behandeling van 9 december 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de pleitnota van [eiseres] ,
- de pleitnota van Amarant.

2.De feiten

2.1.
Tussen Amarant en [eiseres] is op 18 juli 20219 een zorg en dienstverlenings-overeenkomst (ZDO) gesloten. Amarant levert [eiseres] zorg in natura op grond van de Wlz.
2.2.
Amarant heeft [eiseres] ten behoeve van de zorgverlening per 14 februari 2024 een woning toegewezen aan de [adres] . De woning maakt onderdeel uit van een appartementencomplex dat eigendom is van woningbouwvereniging Laurentius. Amarant huurt ten behoeve van haar cliënten met een verblijfsindicatie woningen in het appartementencomplex.
2.3.
Nadat er diverse ernstige incidenten met [eiseres] in het appartementencomplex hebben plaatsgevonden, en [eiseres] herhaaldelijk passende zorg heeft geweigerd, heeft Amarant haar bij brief van 7 oktober 2024 bericht dat de ZDO per 1 november 2024 eindigt en dat [eiseres] de woning aan de [adres] uiterlijk per die datum dient te verlaten en te ontruimen.
2.4.
[eiseres] heeft de woning per 1 november 2024 niet verlaten en ontruimd.
2.5.
Bij vonnis in kort geding van 27 november 2024 is [eiseres] bij verstek veroordeeld om binnen 24 uur na betekening van dat vonnis de woning aan de [adres] te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Amarant zijn, en de woning bezemschoon onder afgifte van de sleutels daarvan ter vrije beschikking aan Amarant te stellen,
Ook is aan [eiseres] een verbod gegeven om zich vanaf 24 uur na betekening van dat vonnis, gedurende een periode van 1 jaar zich te bevinden dan wel op te houden binnen een straal van 500 meter rondom de woning, gelegen aan de [adres] , zulks op straffe van lijfsdwang voor de duur van 48 uur bij iedere overtreding van dat verbod
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
2.6.
De ontruiming van de woning heeft (gedeeltelijk) plaatsgevonden op 5 december 2024. [eiseres] heeft zich fors verzet tegen die ontruiming. Zij is uit de woning verwijderd en gedwongen opgenomen met een IBS-maatregel. Amarant is voornemens de ontruiming van de woning op korte termijn af te ronden.

3.Het geschil

3.1.
[eiseres] vordert als voorlopige voorziening de executie van het vonnis van 27 november 2024 te schorsen en (althans) Amarant met onmiddellijke ingang te verbieden om executiemaatregelen te treffen op basis van dat vonnis.
3.2.
[eiseres] legt hieraan het volgende ten grondslag. Zij is een zeer kwetsbare vrouw die hard hulp nodig heeft. De ZDO is opgezegd zonder de overeengekomen opzegtermijn van 1 maand. Zij betwist de ramen van een buurvrouw te hebben vernield. Amarant heeft geen in redelijkheid te respecteren belang bij gebruikmaking van haar bevoegdheid om in afwachting van de uitkomst in de verzetprocedure tot tenuitvoerlegging van het verstekvonnis over te gaan. Door dat toch te doen is sprake van misbruik van bevoegdheid. [eiseres] heeft belang bij schorsing van de tenuitvoerlegging van het verstekvonnis. De ontruiming van de woning betekent dat [eiseres] op korte termijn op straat komt te staan. [eiseres] staat er nu voor open om mee te werken aan een verhuizing naar een locatie van Amarant in [plaats] . De alternatieve locaties heeft zij niet uit onwil geweigerd, maar uit zorg voor haar familie. Amarant heeft te laat Bemoeizorg ingeschakeld.
3.3.
Amarant voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] .
Amarant betreurt het dat het tot een procedure is moeten komen. Zij heeft de afgelopen anderhalf jaar veel pogingen gedaan om [eiseres] over te plaatsen naar een passende zorgsetting, maar [eiseres] heeft geen enkel aanbod geaccepteerd. Daarnaast hield [eiseres] zich structureel niet aan afspraken en heeft zij door haar gedrag de veiligheid van anderen in gevaar gebracht door vernielingen en bedreigingen. Amarant heeft zich genoodzaakt gezien om de zorg te beëindigen en uiteindelijk een ontruiming te vorderen. De situatie is inmiddels geëscaleerd, wat vooral voor [eiseres] zelf zeer belastend zal zijn maar ook de medewerkers van Amarant en Laurentius niet onberoerd heeft gelaten. De vele pogingen van Amarant om [eiseres] passende zorg en ondersteuning te verlenen en daarmee ontruiming te voorkomen mochten echter niet baten. Daarnaast heeft Amarant een verantwoordelijkheid naar andere cliënten die in het appartementencomplex wonen. Ook na het verstekvonnis en vóór de gedeeltelijke ontruiming op 5 december heeft zij met haar gedrag een onveilige situatie gecreëerd. Dit maakte dat de zitting niet is afgewacht en deels tot ontruiming is overgegaan.
Amarant heeft [eiseres] tijdig aangekondigd dat tot opzegging van de ZDO zal worden overgegaan als zij haar gedrag niet wijzigt. Amarant verleent gespecialiseerde zorg en heeft Bemoeizorg ingeschakeld nadat de zorgverlening is beëindigd. Dit is niet te laat maar juist ook om te voorkomen dat [eiseres] op straat komt te staan. Ook is [eiseres] aangeboden dat zij op de locatie KDI kon verblijven. [eiseres] heeft dit aanbod afgeslagen.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Het spoedeisend belang aan de zijde van [eiseres] vloeit voort uit de aard van het gevorderde en is ook niet betwist door Amarant.
4.2.
[eiseres] vordert de executie van het verstekvonnis te staken. Tegen het vonnis staat nog een rechtsmiddel open. Voor die situatie gelden de regels die de Hoge Raad in zijn arrest van 20 december 2019 (ECLI:NL:HR:2019:2026) heeft geformuleerd en die de voorzieningenrechter zal toepassen.
4.3.
In het verstekvonnis heeft de voorzieningenrechter overwogen dat de dagvaarding op grond van de wet rechtsgeldig is betekend, en dat ook voldoende aannemelijk is geworden dat [eiseres] tijdig bekend was met de inhoud van de dagvaarding. Dat het vonnis van de voorzieningenrechter een kennelijke juridische dan wel feitelijke misslag bevat welke tot schorsing van de executie zou moeten leiden, is niet gesteld of gebleken.
4.4.
Waar het hier naar de kern om gaat is hoe de belangenafweging moet uitpakken.
Het is duidelijk dat [eiseres] ervan overtuigd is dat zij in de woning aan de [adres] moet kunnen blijven wonen. Zij heeft er dus belang bij niet de woning gedwongen te verlaten. Tegenover dit belang staat het belang van Amarant, dat op dit moment zwaarder weegt. Doorslaggevend hiervoor is dat Amarant aannemelijk heeft gemaakt dat [eiseres] recent, al vóór de ontruiming op 5 december jl., een medebewoner van het appartementengebouw met de dood heeft bedreigd, spullen van haar balkon heeft gegooid en tegen werklui van Geluk Bouwgroep heeft geschreeuwd. Dit is niet acceptabel.
[eiseres] is inderdaad een zeer kwetsbare persoon, en uit de stukken blijkt dat Amarant daar terdege rekening mee heeft gehouden. Zij heeft redelijkerwijs al het mogelijke gedaan om te voorkomen dat [eiseres] in een situatie als deze terecht zou komen en ook tijdig gewaarschuwd dat uiteindelijk een ontruiming moet volgen als [eiseres] doorgaat met haar gedrag. [eiseres] heeft herhaaldelijk zorg van Amarant geweigerd en zich al eerder agressief uitgelaten richting medewerkers van Amarant en andere medebewoners. Onder die omstandigheden is de ZDO naar voorlopig oordeel rechtmatig beëindigd. Het is niet aannemelijk dat [eiseres] op dit moment openstaat voor verblijf op een andere locatie van Amarant en zal medewerken aan zorgverlening door Amarant. Dit wordt onderstreept door de omstandigheid dat [eiseres] zich aan een IBS-maatregel heeft onttrokken. Hoe ingrijpend ook, onder deze omstandigheden weegt het belang van Amarant bij tenuitvoerlegging van het verstekvonnis zwaarder dan het belang van [eiseres] bij schorsing van dat vonnis. De voorzieningenrechter zal de vordering daarom afwijzen.
4.5.
[eiseres] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) van Amarant betalen. De proceskosten van worden begroot op:
- griffierecht
688,00
- salaris advocaat
1.107,00
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.973,00

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
wijst de vordering af,
5.2.
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van Amarant van € 1.973,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Wordt bij niet betaling het vonnis daarna betekend, dan moet zij € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
5.3.
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Römers en in het openbaar uitgesproken op 11 december 2024.