Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het parkeren van een voertuig in een plantsoen te Zundert op 31 maart 2023 om 09:35 uur. Betrokkene stelde dat de boete onredelijk was vanwege de omstandigheden, waaronder een evenement in de buurt en de slechte mobiliteit van haar man, die meerdere operaties had ondergaan en wachtte op een invaliditeitskaart.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de situatie druk was maar dat betrokkene onvoldoende had onderbouwd dat er een evenement was of dat handhaving daarvan op de hoogte was. Betrokkene betaalde de zekerheidstelling niet, maar gaf aan dit niet te kunnen betalen, waarna deze op nihil werd gesteld.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststond en de boete terecht was opgelegd, maar achtte de omstandigheden voldoende reden om de boete te matigen. Gelet op de parkeerdrukte door het evenement en de persoonlijke situatie van de man van betrokkene werd de boete verlaagd tot € 60,- plus administratiekosten.
Het beroep werd daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie gewijzigd. Betrokkene krijgt bovendien € 50,- terugbetaald die zij te veel aan zekerheidstelling had betaald. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De boete wegens parkeren in een plantsoen tijdens een evenement wordt gematigd tot € 60,- plus administratiekosten.