Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin haar arbeidsongeschiktheidspercentage op 40,30% is vastgesteld. De rechtbank constateerde in een tussenuitspraak dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was, omdat de brief van de fysiotherapeut niet was voorgelegd aan een verzekeringsarts b&b voor een medische herbeoordeling.
Het UWV heeft daarop het gebrek hersteld door eiseres te laten onderzoeken door een verzekeringsarts b&b, die aanvullende beperkingen vaststelde in de functionele mogelijkhedenlijst (FML). Een arbeidsdeskundige b&b concludeerde dat eiseres ondanks deze beperkingen geschikt bleef voor de geduide functies.
De rechtbank acht het herstel voldoende en ziet geen reden om het arbeidsongeschiktheidspercentage te wijzigen. Het beroep wordt gegrond verklaard wegens het eerdere motiveringsgebrek, het bestreden besluit wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand. Eiseres krijgt het griffierecht vergoed.