ECLI:NL:RBZWB:2024:8700
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. Weerkamp
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning Middelburg ongegrond verklaard
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, gelegen in Middelburg, die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €279.000 per 1 januari 2022. De rechtbank beoordeelde of deze waarde te hoog was vastgesteld en of de heffingsambtenaar alle relevante gegevens conform artikel 40, tweede lid, Wet WOZ had verstrekt.
De rechtbank concludeerde dat de gebruikte referentiewoningen voldoende vergelijkbaar waren en dat de heffingsambtenaar op transparante wijze rekening had gehouden met verschillen tussen de woning en de referentieobjecten. De stellingen van belanghebbende, waaronder de vermeende schending van artikel 40 Wet Pro WOZ en het afnemend grensnut, werden niet gegrond bevonden.
Ook werd geoordeeld dat eventuele schendingen van artikel 40 Wet Pro WOZ niet tot benadeling van belanghebbende hadden geleid, mede doordat ontbrekende gegevens alsnog in de beroepsfase waren verstrekt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, met handhaving van de WOZ-waarde en de aanslag onroerendezaakbelasting. Belanghebbende kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van €279.000 is ongegrond verklaard en de aanslag OZB gehandhaafd.