Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 4 november 2024;
- de van de Raad ontvangen rapportage, gedateerd 13 november 2024;
- de van de advocaat van de vader op 29 november 2024 ontvangen brief, met producties;
- de door de advocaat van de vader tijdens de mondelinge behandeling overgelegde pleitnotitie.
- de vader en zijn advocaat;
- de moeder en haar advocaat;
- een vertegenwoordigster van de GI;
- een vertegenwoordigster van de Raad.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het standpunt van de Raad (verzoeker)
- er is geen sprake van huiselijk geweld tussen de ouders (noch verbaal, noch fysiek, noch psychisch) en de kinderen zijn geen getuige van conflicten tussen de ouders;
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] worden niet belast met problemen op ouderniveau;
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ervaren dat de vader en ook de moeder emotioneel en
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ervaren dat beide ouders op een sensitieve en responsieve manier op hen reageren;
- de ouders signaleren tijdig wat de kinderen nodig hebben en zij reageren passend op
5.Het standpunt van de GI
6.De standpunten van de ouders
7.Beoordeling
Internationale bevoegdheid en toepasselijk recht
8.De beslissing
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.