Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet voor het doorrijden bij een rood verkeerslicht op de N288 te Biggekerke op 19 juni 2023. Hij voerde aan dat de rijbaan voor rechtdoorgaand verkeer geblokkeerd was en dat hij uitweek via de linkerrijstrook omdat het bedrijfsbusje voor hem niet direct optrok. Tevens zat zijn zoon achterop de trike.
De officier van justitie en de kantonrechter stelden vast dat betrokkene de linker voorsorteerstrook gebruikte terwijl het verkeerslicht op rood stond en dat hij de stopstreep was gepasseerd. De flitsfoto's toonden geen stilstaande voertuigen en geen gevarenlichten van een personenauto. Betrokkene had zijn snelheid moeten aanpassen en achter het bedrijfsbusje moeten blijven.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat betrokkene het risico nam om geflitst te worden. De door betrokkene aangevoerde omstandigheden rechtvaardigen geen matiging van de boete. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens doorrijden bij rood licht wordt ongegrond verklaard.