Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd voor het zodanig parkeren van een voertuig dat gevaar of hinder werd veroorzaakt op de Antiloopstraat te Breda op 9 december 2022. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 3 december 2024 verschenen betrokkene en zijn gemachtigde niet. De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende was komen vast te staan dat de gedraging had plaatsgevonden. De straat was breed en doorgaans niet druk, en uit de foto in het dossier bleek niet duidelijk dat er hinder of gevaar was veroorzaakt.
Daarom werd de boete vernietigd en het betaalde bedrag terugbetaald. Tevens werd een proceskostenvergoeding van €749,50 aan betrokkene toegekend. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete is gegrond verklaard, de boete vernietigd en proceskostenvergoeding toegekend.