ECLI:NL:RBZWB:2024:9374

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
30 december 2024
Publicatiedatum
27 januari 2025
Zaaknummer
C/02/429853 / FA RK 24-5890
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Phillips
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij psychotische stoornis

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 30 december 2024 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1991, die lijdt aan een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene vertoont ernstige symptomen, waaronder psychoses die vaak worden verergerd door middelengebruik, wat leidt tot levensgevaar, lichamelijk letsel, psychische schade en gevaar voor de algemene veiligheid.

Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, een arts en een begeleider gehoord. Uit de stukken en de toelichting bleek dat betrokkene bij psychotische decompensatie niet meer te sturen is en agressief gedrag kan vertonen, wat heeft geleid tot incidenten zoals het springen van een balkon en bedreiging van haar vader. Betrokkene is op 20 november 2024 opgenomen in het ziekenhuis.

De rechtbank oordeelt dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. Betrokkene stemt in met een zorgmachtiging als vangnet, waarbij ambulante hulpverlening en medicatie worden ingezet. De toegewezen vormen van verplichte zorg omvatten medicatie, bewegingsvrijheidsbeperking, controle op middelengebruik, beperkingen in het eigen leven en opname in een accommodatie. Minder bezwarende alternatieven zijn niet effectief.

De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden tot 30 juni 2025. Het verzoek voor overige vormen van verplichte zorg wordt afgewezen wegens gebrek aan noodzaak. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor verplichte zorg aan betrokkene met een psychotische stoornis.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/429853 / FA RK 24-5890
Datum uitspraak: 30 december 2024
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1991 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. J. van Rooijen te Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 13 december 2024.
1.2.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 december 2024. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • dr. [naam 1], arts;
  • [naam 2], begeleider.

2.Het verzoek

2.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank om voor betrokkene een zorgmachtiging voor de duur van zes maanden te verlenen.

3.De beoordeling

3.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
3.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene lijdt namelijk aan een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene kampt met psychoses, veelal geluxeerd door middelengebruik.
3.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
3.4.
Uit de overgelegde stukken en wat er tijdens de mondelinge behandeling is besproken, blijkt dat wanneer betrokkene psychotisch decompenseert, zij niet meer te sturen is. Vanuit achterdocht kan zij plotseling agressief gedrag vertonen en veroorzaakt zij een gevaar voor zichzelf en voor anderen. Zo is betrokkene samen met haar hond van een balkon gesprongen en is zij over een hoog hek met scherpe punten geklommen. Vervolgens heeft zij geprobeerd om een voor haar onbekend persoon uit diens auto te trekken. Ook heeft zij met ontbloot lijf over straat gelopen en zij heeft haar vader fysiek bedreigd. Dit heeft ertoe geleid dat zij op 20 november 2024 is opgenomen in het ziekenhuis.
3.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
3.6.
Namens en door betrokkene is, samengevat, aangevoerd dat het nu beter met haar gaat. Zij wil graag zo spoedig mogelijk terugkeren naar haar vader en hond. Daarna wil zij terug naar haar eigen flat. Betrokkene kan daarom instemmen met een zorgmachtiging die fungeert als vangnet.
De arts heeft, samengevat, aangegeven dat betrokkene inmiddels een kennismaking heeft gehad met de behandelaren van het ACT-team van de afdeling Dubbele Diagnose (DD). In de komende periode zal er, zoals betrokkene graag wil, worden toegewerkt naar een ontslag van betrokkene uit de accommodatie. Aangezien betrokkene plotseling fors psychisch kan decompenseren, acht de arts het van belang dat er een vangnet wordt gecreëerd door in het kader van verplichte zorg in te zetten op ambulante hulpverlening vanuit ACT-DD en medicatie, met een opnamemogelijkheid. Ook zal ACT-DD trachten om de diagnose(s) van betrokkene nader te specificeren.
Aangezien betrokkene de noodzakelijk geachte hulpverlening wisselend accepteert en zij, onder meer onder invloed van middelen, plotseling fors kan ontregelen, is de rechtbank, met de psychiater en betrokkene, van oordeel dat hulpverlening op vrijwillige basis ontoereikend is voor het wegnemen dan wel het voorkomen van ernstig nadeel bij betrokkene en bij anderen. Om die reden is verplichte zorg thans noodzakelijk.
3.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
De rechtbank zal het verzoek voor zover dat ziet op het opnemen van de overige vormen van verplichte zorg in de zorgmachtiging afwijzen, omdat daartoe naar het oordeel van de rechtbank geen noodzaak bestaat en het onvoldoende voorzienbaar is dat deze vormen van verplichte zorg in de komende periode noodzakelijk zullen zijn.
3.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
3.9.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1991 in [geboorteplaats], inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen als genoemd in rechtsoverweging 3.7 kunnen worden getroffen;
4.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 30 juni 2025;
4.3.
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 december 2024 door mr. Phillips, rechter, in aanwezigheid van mr. Wallerbos, griffier en op schrift gesteld op 7 januari 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.