Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 7 november 2024;
- het raadsrapport met bijlagen, ontvangen op 21 november 2024;
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 21 november 2024.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
- [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] hebben onbelast contact met beide ouders;
- Ouders hebben voldoende vertrouwen in elkaar om constructieve afspraken te maken in het belang van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] ;
- Ouders geven [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] emotionele toestemming om van hun beide ouders te houden;
- [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] worden op geen enkele wijze belast met de strijd van de ouders of met meningen over de andere ouder;
- Ouders accepteren de nodige hulpverlening, zoals bijv.: ouderschapsbemiddeling;
- Er is een duidelijk ouderschapsplan met een duidelijke zorgregeling en afspraken;
- Ouders komen gemaakte (hulpverlenings-)afspraken na en stellen zich begeleidbaar op;
- Ouders ontvangen psycho-educatie over wat loyaliteit en een scheiding met kinderen doen. Zodat ouders leren inzien wat het voor [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] betekent indien zij verder klem blijft zitten tussen haar ouders.
- Ouders dienen inzicht te krijgen in de dynamiek in hun ouderrelatie, waarbij ze die duidelijk leren loskoppelen van hun ex partnerrelatie;
- Beide ouders stellen hun eigen ouderschap voor [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] centraal;
6.De beslissing
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.