ECLI:NL:RBZWB:2024:9477

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
28 maart 2024
Publicatiedatum
10 februari 2025
Zaaknummer
RK22-013871
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a SvArt. 94 SvArt. 552d lid 2 SvArt. 9 lid 2 Wegenverkeerswet 1994
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid klaagschrift tegen beslag op kampeerwagen na verbeurdverklaring

Klager heeft een klaagschrift ingediend tegen het beslag op zijn kampeerwagen, die op 16 maart 2022 in beslag is genomen. Hij stelde dat hij geen kennisgeving van de inbeslagname had ontvangen en dat er geen strafvorderlijke grondslag meer was voor het beslag, aangezien de kampeerwagen zijn feitelijke woning is.

De rechtbank behandelde het klaagschrift op 14 maart 2024 in de raadkamer, waarbij de officier van justitie en de raadsman van klager werden gehoord. De officier van justitie gaf aan dat de strafzaak tegen klager inmiddels was afgedaan met een veroordeling op 17 november 2023, waarbij een taakstraf en een verbeurdverklaring van de kampeerwagen waren opgelegd. Deze verbeurdverklaring is onherroepelijk geworden.

De rechtbank oordeelde dat het beslag op de kampeerwagen reeds was geëindigd door de onherroepelijke verbeurdverklaring en verklaarde klager daarom niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift. De kampeerwagen is in afwachting van de beslissing niet vernietigd en staat nog bij de domeinen. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift omdat het beslag reeds onherroepelijk verbeurd is verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Locatie Breda
parketnummer: 96-076429-23
rk.nummer: 22-013871
Beslissing op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:
[klager]
geboren op [datum] 1985,
woonplaats kiezende ten kantore van mr. E. Tamas, Benoordenhoutseweg 23, 2596 BA Den-Haag
hierna te noemen: klager.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
  • de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op onder klager in beslag is genomen: een camper van het merk, Fiat, type, 280 en voorzien van het [kenteken];
  • het klaagschrift, ingediend op 2 juli 2022 ter griffie van deze rechtbank ingevolge artikel 552a Sv;
  • het verweerschrift van de officier van justitie;
  • de beschikking van de enkelvoudige raadkamer van 28 september 2022;
  • de beschikking van de Hoge Raad van 21 november 2023;
  • de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Het klaagschrift is behandeld in de openbare raadkamer op 14 maart 2024. Gehoord zijn de officier van justitie, mr. R. Jacobs, en mr. E. Tamas als gemachtigd raadsman van klager.
Klager is behoorlijk opgeroepen, maar niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Het klaagschrift strekt tot opheffing van het gelegde beslag met last tot teruggave aan de klager. Daartoe is aangevoerd dat de politie omstreeks 16 maart 2022 onder klager een kampeerwagen (Fiat 280, [kenteken]) in beslag heeft genomen. Klager heeft nimmer een kennisgeving van inbeslagname mogen ontvangen. Er is geen strafvorderlijke grondslag die de verdere inbeslagname van de kampeerwagen dient. Klager heeft een groot belang bij de teruggave van de kampeerwagen nu dit de feitelijke woning van klager is. Reden waarom klager de rechtbank verzoekt zijn klaagschrift gegrond te verklaren onder teruggave van de kampeerwagen aan klager. In raadkamer heeft de raadsman hieraan toegevoegd dat er in het kader van de proportionaliteit rekening gehouden moet worden met het tijdsverloop.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de strafzaak tegen klager inmiddels is afgedaan omdat klager op 17 november 2023 door de politierechter is veroordeeld voor overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Aan klager is opgelegd een taakstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis, én er is een verbeurdverklaring van de inbeslaggenomen camper uitgesproken. Het vonnis is ondertussen onherroepelijk. Vermoedelijk heeft de verbeurdverklaring van het beslag de behandeling in cassatie gekruist. De camper is in afwachting van het klaagschrift niet vernietigd en staat nog bij de domeinen.

2.De beoordeling

De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift
Het klaagschrift is tijdig ingediend.
De rechtbank stelt vast dat het beslag gelegd op grond van artikel 94 Sv Pro reeds is geëindigd omdat de politierechter op 17 november 2023 het beslag verbeurd heeft verklaard en deze beslissing inmiddels onherroepelijk is. De rechtbank zal klager niet-ontvankelijk verklaren in zijn beklag.

3.De beslissing

De rechtbank verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn beklag.
Deze beslissing is op 28 maart 2024 gegeven door mr. E.G.F. Vliegenberg, rechter, in tegenwoordigheid van J.H. Cornelissen, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 maart 2024.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).