Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
beveelt dat de officier van justitie ervoor zorg draagt dat het celmateriaal terstond wordt vernietigd.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De veroordeelde ontving een bevel tot afname van celmateriaal voor DNA-bepaling naar aanleiding van een strafbeschikking van 28 november 2023. Tegen deze strafbeschikking werd verzet ingesteld, waardoor deze niet onherroepelijk is. De rechtbank oordeelt dat op grond van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden alleen bij een onherroepelijke strafbeschikking DNA mag worden afgenomen.
De veroordeelde stelde dat het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel zijn recht op privacy volgens artikel 8 EVRM Pro schendt en dat de opname disproportioneel is. De officier van justitie erkende dat het bezwaar gegrond moet worden verklaard zolang de strafbeschikking niet onherroepelijk is.
De rechtbank verklaart het bezwaarschrift gegrond, vernietigt het celmateriaal en beveelt de officier van justitie tot vernietiging hiervan. Er zijn geen rechtsmiddelen tegen deze beslissing mogelijk.
Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard en het celmateriaal wordt vernietigd omdat de strafbeschikking niet onherroepelijk is.