Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden van 23 km per uur te hard op een autosnelweg buiten de bebouwde kom, vastgesteld met een goedgekeurd meetinstrument. Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard, waarna beroep bij de kantonrechter volgde.
De gemachtigde voerde aan dat het recht op horen niet adequaat was gewaarborgd en stelde dat artikel 13 lid 5 Wahv Pro in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en discriminatieverbod. De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt voor de overtreding, en dat er geen aanleiding is om aan deze verklaring te twijfelen.
De kantonrechter verwierp het beroep en het verzoek om proceskostenvergoeding, omdat er geen structurele schending van het recht op horen is vastgesteld en de overtreding met een correct meetmiddel is vastgesteld. De uitspraak werd op 12 december 2024 in het openbaar gedaan door kantonrechter A.B. Scheltema Beduin.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens snelheidsovertreding wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.