Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet wegens het niet dragen van een helm op een bromfiets op 27 november 2022 te Roosendaal. Betrokkene voerde aan dat hij reed op een snorfiets met een maximumsnelheid van 25 km/u, voorzien van een Belgisch kenteken, waardoor geen helmplicht bestond. De officier van justitie handhaafde de boete, maar betrokkene stelde beroep in bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat niet duidelijk is of het voertuig valt onder een bromfiets van klasse A of B, waardoor onduidelijk blijft of helmplicht gold. De verbalisant had hierover geen nadere informatie verstrekt. De kantonrechter oordeelde dat de gedraging niet vaststaat en dat de boete ten onrechte is opgelegd.
De beschikking en beslissing van de officier van justitie werden vernietigd, het betaalde bedrag werd terugbetaald en een proceskostenvergoeding van €1.187,00 werd toegekend aan betrokkene. Er is geen hoger beroep mogelijk tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete vernietigd wegens onvoldoende bewijs van helmplicht.