Betrokkene kreeg een boete opgelegd omdat hij voor zijn bromfiets geen verzekering had afgesloten, vastgesteld via RDW-controle op 16 augustus 2021. Betrokkene voerde aan dat de bromfiets nooit op de openbare weg is gebruikt en sinds een ongeluk onklaar in een loods staat. Hij had de bromfiets na ontvangst van bericht direct geschorst.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat, maar dat de boete gematigd moet worden. De kantonrechter vond dat betrokkene aannemelijk had gemaakt dat er geen gebruik was gemaakt van het voertuig tijdens de onverzekerde periode.
Daarnaast werd vastgesteld dat de officier van justitie de hoorplicht had geschonden door betrokkene niet te horen, wat leidt tot vernietiging van diens beslissing. Ook was de redelijke termijn van behandeling met meer dan een jaar overschreden. Daarom matigde de kantonrechter de boete tweemaal met 25% en stelde het boetebedrag vast op €100 plus administratiekosten. Het teveel betaalde bedrag moet worden terugbetaald.