Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is beboet voor twee overtredingen van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom op de N290 Gentsevaart te Kapellebrug, gemeente Hulst, op 17 april 2023. De eerste overtreding betrof 17 km/u te hard rijden om 13:02 uur, de tweede 9 km/u te hard om 20:21 uur.
Gemachtigde van betrokkene stelde beroep in tegen de boetes en voerde aan dat het Openbaar Ministerie niet voldeed aan het recht op hoor en wederhoor, omdat geen tweede hoorzitting werd gehouden. Tevens werd een schending van het motiveringsbeginsel aangevoerd. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene bij de kantonrechter in beroep ging.
De kantonrechter oordeelt dat de overtredingen voldoende zijn vastgesteld en dat de boetes terecht zijn opgelegd. Er is een eerste hoorzitting geweest waarin inhoudelijke beroepsgronden zijn aangevoerd. Het ontbreken van een tweede hoorzitting wordt verklaard door een ingebrekestelling van gemachtigde aan de officier van justitie, waarna tijdig een beslissing volgde. De kantonrechter wijst het beroep af en ziet geen aanleiding tot matiging van de boetes of toekenning van proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboetes wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.