Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het parkeren van een voertuig op een plek waar dat verboden was, namelijk een parkeerverbodszone aan de Nieuwe Prinsenkade te Breda op 20 februari 2023. Betrokkene voerde aan dat hij als taxichauffeur handelde in opdracht van zijn werkgever en dat de halte onbereikbaar was door carnavalsafzettingen, waardoor hij zijn voertuig 50 meter verder stilzette om klanten te laten instappen.
De verbalisant stelde dat er geen activiteit rondom het voertuig was waargenomen en sommeerde betrokkene door te rijden. Betrokkene betwistte dit en stelde dat hij niet van zijn voertuig was weggegaan. De verbalisant voegde geen foto’s toe die de exacte locatie of het verbod konden bevestigen, alleen een foto van het kenteken.
De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de gedraging heeft plaatsgevonden en gaf betrokkene het voordeel van de twijfel. Hierdoor werd de boete vernietigd en werd de officier van justitie opgedragen het betaalde bedrag terug te betalen. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.