Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
6.Beslissing
met uitzondering van het gebruik van communicatiemiddelen;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 23 januari 2024 uitspraak gedaan over het verzoek van de officier van justitie tot wijziging van een zorgmachtiging voor betrokkene, die lijdt aan een psychotische stoornis en mogelijk middelengerelateerde problematiek. De zorgmachtiging, oorspronkelijk afgegeven op 28 november 2023, wordt gehandhaafd en uitgebreid met aanvullende verplichte zorgvormen.
Betrokkene vertoonde sinds december 2023 agressief en onvoorspelbaar gedrag, met meerdere meldingen van gevaarlijk gedrag richting omwonenden en zorgverleners. Hij is gestopt met medicatie en middelengebruik, maar dit heeft geleid tot verwaarlozing en psychische achteruitgang. De ambulante zorgverlening was onvoldoende effectief vanwege zijn verzet en agressie.
De rechtbank oordeelt dat sprake is van een psychische stoornis met ernstig nadeel en een aanzienlijk risico op ernstig nadeel voor betrokkene en anderen. Daarom is verplichte klinische opname noodzakelijk om de toestand te stabiliseren en medicatie adequaat in te stellen. De rechtbank wijst het verzoek tot beperking van het recht op bezoek af wegens onvoldoende onderbouwing.
De zorgmachtiging wordt gewijzigd zodat naast de bestaande zorgvormen ook aanvullende maatregelen zoals bewegingsbeperking, insluiting, toezicht, kleding- en lichaamsonderzoek, en opname in een accommodatie kunnen worden toegepast tot 28 mei 2024. De rechtbank ziet geen mogelijkheid tot vrijwillige zorgverlening en acht verplichte zorg noodzakelijk.
Uitkomst: De zorgmachtiging wordt gehandhaafd en uitgebreid met aanvullende verplichte zorgvormen tot 28 mei 2024.