Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van repliek;
- de op de (rol)zitting van 29 januari 2025 gemaakte aantekeningen van het mondelinge
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Pontmeyer Handelsbedrijven B.V. vordert betaling van €7.900,36 van [gedaagde], die bouwmaterialen op afbetaling bij Pontmeyer heeft gekocht maar niet heeft betaald. De vordering omvat de hoofdsom, contractuele rente en incassokosten. [gedaagde] betwist ontvangst van alle goederen en de verhoging van de kredietlimiet zonder zijn instemming.
De rechtbank stelt vast dat [gedaagde] onvoldoende onderbouwing levert voor zijn twijfel over de geleverde goederen en dat hij erkent goederen te hebben afgenomen. De verhoging van de kredietlimiet wordt niet expliciet overeengekomen, maar dit doet niet af aan de betalingsplicht voor de geleverde goederen.
De gevorderde contractuele rente wordt afgewezen omdat Pontmeyer niet heeft bewezen dat deze overeengekomen is. De buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen, maar lager vastgesteld dan gevorderd. De totale betaling wordt vastgesteld op €6.584,85, plus proceskosten van €978,84, die [gedaagde] moet voldoen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €6.584,85 en proceskosten van €978,84 aan Pontmeyer.