Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden in strijd met een geslotenverklaring (bord C12) op de Houtmarkt te Breda op 23 januari 2023 om 13:54 uur. Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard, waarna betrokkene beroep instelde bij de rechtbank.
De gemachtigde voerde aan dat de boete onredelijk was en dat volgens het beleidskader digitale handhaving maximaal één beschikking per kenteken per week mag worden opgelegd. Tevens stelde hij dat de sanctiebeschikking werd opgelegd voordat de eerste beschikking aan betrokkene was verzonden, waardoor deze niet in stand kon blijven.
De officier van justitie betoogde dat het ging om twee verschillende gedragingen op verschillende tijdstippen en locaties, zodat geen sprake was van dubbele bestraffing. De kantonrechter stelde vast dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs leverde en dat de boete terecht was opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens overtreden van een geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard.