ECLI:NL:RBZWB:2025:1270
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid op grond van de Wet WIA
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het door het UWV vastgestelde percentage arbeidsongeschiktheid van 68,56%, vastgesteld per 1 december 2021 op grond van de Wet WIA. De rechtbank heeft het medisch onderzoek en de beoordeling van de verzekeringsartsen als zorgvuldig en volledig beoordeeld, waarbij rekening is gehouden met de klachten van eiser zoals sarcoïdose, astma en long covid.
De rechtbank concludeert dat de door eiser gestelde toename van beperkingen na de datum in geschil valt en buiten de procedure ligt. Ook de claim dat eiser de komende twee jaar volledig arbeidsongeschikt zou zijn, wordt niet gevolgd omdat hiervoor een aparte melding moet worden gedaan. De functies die door de arbeidsdeskundige zijn geselecteerd voor de berekening van de arbeidsongeschiktheid, worden als passend beschouwd.
De rechtbank oordeelt dat de mate van arbeidsongeschiktheid van 68,56% juist is vastgesteld en dat eiser geen nieuwe medische informatie heeft aangeleverd die tot een andere beoordeling zou moeten leiden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 68,56% per 1 december 2021 wordt ongegrond verklaard.