Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 18 maart 2025 in de zaak tussen
[B.V. 1]. uit [plaats] ,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Gedeputeerde Staten (GS) van Noord-Brabant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Baarle-Nassau om een omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van een opslagloods voor maximaal vier miljoen liter alcoholhoudende dranken. De kern van het geschil betreft de omvang van de inrichting en de vraag welk bestuursorgaan bevoegd is voor de vergunningverlening.
De opslagloods betreft een C-inrichting, maar indien deze samen met de distilleerderij en opslagloods van een andere onderneming als één inrichting wordt beschouwd, zou het een B-inrichting zijn, waarvoor GS bevoegd is. De rechtbank oordeelt dat de drie cumulatieve criteria voor het vormen van één inrichting, zoals neergelegd in artikel 1.1, vierde lid, van de Wet milieubeheer, niet zijn vervuld. Met name ontbreekt het nabijheidscriterium omdat de locaties op respectievelijk 400 en 500 meter afstand liggen met tussenliggende wegen en bebouwing.
De rechtbank concludeert dat de opslagloods geen onderdeel vormt van dezelfde inrichting als de distilleerderij en opslagloods en dat het beroep van GS daarom ongegrond is. Het besluit van het college van burgemeester en wethouders blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van Gedeputeerde Staten wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft van kracht.