ECLI:NL:RBZWB:2025:1658

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
19 maart 2025
Publicatiedatum
24 maart 2025
Zaaknummer
11547781 \ VV EXPL 25-14 (E)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • Dijkman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:213 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorwaardelijke ontruiming wegens ernstige overlast door GHB-verslaving

De huurder veroorzaakte van december 2024 tot half februari 2025 ernstige overlast in het appartementencomplex, gerelateerd aan zijn GHB-verslaving. Omwonenden voelden zich onveilig door geluidsoverlast, vernielingen en ongewenst gedrag. Verhuurder WonenBreburg vorderde ontruiming van de woning.

Tijdens de mondelinge behandeling troffen partijen een regeling waarbij ontruiming alleen plaatsvindt als de huurder zich niet houdt aan specifieke voorwaarden, zoals het stoppen van overlast, voortzetting van behandeling bij Novadic-Kentron en deelname aan contactmomenten met verhuurder en begeleider.

De kantonrechter acht deze voorwaardelijke ontruiming toewijsbaar en legt een ontruimingstermijn van veertien dagen op bij overtreding van de voorwaarden. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.

Uitkomst: Ontruiming wordt toegewezen onder voorwaarden dat huurder geen overlast veroorzaakt en behandeling voortzet.

Uitspraak

RECHTBANKZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: 11547781 \ VV EXPL 25-14
Vonnis in kort geding van 19 maart 2025
in de zaak van
STICHTING WONENBREBURG,
te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: WonenBreburg,
gemachtigde: mr. C.P. van den Berg,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. Y.H.M. van Mierlo.

1.De zaak in het kort

[gedaagde] heeft in de periode december 2024 tot en met half februari 2025 ernstige overlast veroorzaakt voor veel omwonenden in het complex waar hij woont. Dit heeft te maken met zijn GHB-verslaving. Bewoners voelen zich hierdoor niet meer veilig. WonenBreburg heeft daarom ontruiming gevorderd. Tijdens de mondelinge behandeling zijn partijen voorwaarden overeengekomen waarmee [gedaagde] ontruiming kan voorkomen. De kantonrechter wijst in dit vonnis ontruiming onder die voorwaarden toe.

2.De procedure

2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling van 12 maart 2025, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt, waaraan de spreekaantekeningen van mr. Y.H.M. van Mierlo zijn toegevoegd.

3.De feiten

De kantonrechter gaat uit van de volgende feiten:
  • WonenBreburg verhuurt sinds 1 september 2020 aan [gedaagde] de woning aan het [adres] met een daarbij behorende parkeerplaats. De woning maakt deel uit van een appartementencomplex.
  • Sinds december 2024 hebben meerdere omwonenden van [gedaagde] bij WonenBreburg meerdere meldingen gemaakt van overlast door [gedaagde] in de vorm van geluidsoverlast, schreeuwen, het kort en klein slaan van het gehuurde respectievelijk de inrichting daarvan, vervuiling van de algemene ruimten, het aankloppen bij buren, het (half) naakt over de algemene gangen lopen, het betreden van het daktuin, het betreden van balkons van medebewoners, het onder invloed zijn in de algemene ruimten en het bonken c.q. slaan op muren etc. De politie is verschillende keren ter plaatse gekomen. Omwonenden hebben gemeld dat zij angstig worden van het gedrag van [gedaagde] .
  • Op 16 januari 2025 hebben partijen de afspraak gemaakt dat [gedaagde] geen enkele (vorm van) overlast meer zal veroorzaken.
  • Op 30 januari 2025 heeft weer een gesprek tussen WonenBreburg en [gedaagde] plaatsgevonden op het kantoor van WonenBreburg, waarin dringend is verzocht de overlast te stoppen.
  • Ook na deze gesprekken heeft WonenBreburg nog meldingen van omwonenden over overlast door [gedaagde] ontvangen, met name over het weekend van 13 tot en met 16 februari 2025. Het gaat om meerdere meldingen van meerdere omwonenden van overlast door [gedaagde] in de vorm van gillen, bonken en om zich heen slaan, waarbij meerdere politiewagens en een ambulance ter plaatse kwamen om [gedaagde] mee te nemen.
  • Sinds 25 februari 2025 is [gedaagde] opgenomen bij Novadic-Kentron om af te kicken van zijn GHB-verslaving. Ook na ontslag uit de kliniek zal [gedaagde] onder ambulante behandeling en begeleiding van Novadic-Kentron blijven.

4.Het geschil

4.1.
WonenBreburg vordert bij dagvaarding samengevat - ontruiming van de woning met bijbehorende parkeerplaats aan het [adres] (verder: het gehuurde), betaling van de huurachterstand, kosten van schoonmaak en de proceskosten.
4.2.
WonenBreburg legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichting om zich als goed huurder te gedragen op grond van artikel 7:213 BW Pro, de huurovereenkomst en de AV, doordat hij ernstige overlast veroorzaakt. Direct omwonenden geven aan zich niet langer veilig in en rondom het gehuurde te voelen.
4.3.
[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van WonenBreburg, met veroordeling van WonenBreburg in de proceskosten.
4.4.
[gedaagde] voert aan dat de door hem veroorzaakte overlast aan de buurt te maken heeft met zijn verslaving aan de drug GHB en dat hij zijn gedragingen niet kan en wil goedpraten, maar dat de tekortkoming vanwege haar bijzondere aard (zijn persoonlijke omstandigheden) en de korte periode een ontbinding van de huurovereenkomst niet rechtvaardigt. Ook betwist hij het spoedeisende belang.

5.De beoordeling

5.1.
Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen hun standpunten nader uiteen kunnen zetten en hebben zij uiteindelijk met elkaar afspraken gemaakt. WonenBreburg heeft haar vorderingen tot betaling van de huurachterstand en schoonmaakkosten ingetrokken. WonenBreburg heeft ook verklaard dat zij de vordering tot onvoorwaardelijke ontruiming van de woning wil beperken tot een voorwaardelijke ontruiming, zodat [gedaagde] nog een kans krijgt om in de woning te blijven wonen en zich als goed huurder te gedragen. [gedaagde] heeft verklaard met zo’n voorwaardelijke ontruiming (en de daarbij horende voorwaarden) te kunnen instemmen.
5.2.
Partijen verklaren het eens te zijn geworden over een ontruiming van het gehuurde indien en zodra [gedaagde] zich niet houdt aan de volgende afspraken:
[gedaagde] veroorzaakt geen overlast aan omwonenden die gerelateerd is aan het gebruik van GHB door [gedaagde] . (Van aantoonbare overlast is pas sprake indien tenminste twee omwonenden bij WonenBreburg klagen over hetzelfde incident. Dit incident wordt voorafgaand aan een eventuele gebruikmaking van het vonnis besproken in een contactmoment met [gedaagde] , zodat [gedaagde] in de gelegenheid is zijn visie daarop te geven).
[gedaagde] verplicht zich om onder begeleiding en behandeling te blijven van Novadic-Kentron voor zijn GHB-verslaving voor de duur van een jaar, of zoveel korter als Novadic-Kentron aangeeft dat nodig is.
[gedaagde] werkt mee aan minimaal drie contactmomenten met WonenBreburg, in het bijzijn van Novadic-Kentron, waarin de voortgang van begeleiding en behandeling wordt besproken.
5.3.
De kantonrechter overweegt dat deze gewijzigde vordering toewijsbaar is. Ontruiming van de woning wordt daarom toegewezen enkel en alleen als [gedaagde] zich niet aan deze voorwaarden houdt.
Komt [gedaagde] één of meer van de bovenstaande onderdelen onder 1, 2 of 3 niet strikt na, dan kan WonenBreburg direct tot ontruiming van het gehuurde overgaan, waarbij de kantonrechter een ontruimingstermijn van twee weken na betekening van dit vonnis een redelijke termijn acht.
[gedaagde] dient zich daarbij goed te realiseren dat overtreding van de voorwaarden door hem met zich meebrengt dat hij de door hem gehuurde woning met bijbehorende parkeerplaats dan alsnog zal moeten ontruimen.
5.4.
Tot slot zijn partijen ermee akkoord dat de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

6.De beslissing

De kantonrechter
6.1.
veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis de woning met bijbehorende parkeerplaats aan het [adres] te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van WonenBreburg zijn, en de sleutels af te geven aan WonenBreburg, indien en zodra [gedaagde] in strijd handelt met één of meer van de volgende voorwaarden:
[gedaagde] veroorzaakt geen overlast aan omwonenden die gerelateerd is aan het gebruik van GHB door [gedaagde] . (Van aantoonbare overlast is pas sprake indien tenminste twee omwonenden bij WonenBreburg klagen over hetzelfde incident. Dit incident wordt voorafgaand aan een eventuele gebruikmaking van het vonnis besproken in een contactmoment met [gedaagde] , zodat [gedaagde] in de gelegenheid is zijn visie daarop te geven).
[gedaagde] verplicht zich om onder begeleiding en behandeling te blijven van Novadic-Kentron voor zijn GHB-verslaving voor de duur van een jaar, of zoveel korter als Novadic-Kentron aangeeft dat nodig is.
[gedaagde] werkt mee aan minimaal drie contactmomenten met WonenBreburg, in het bijzijn van Novadic-Kentron, waarin de voortgang van begeleiding en behandeling wordt besproken.
6.2.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
6.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Dijkman en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2025.