Op 27 september 2024 heeft verdachte tijdens een burenruzie haar buurman met een afgebroken paraplu in het gezicht gestoken, wat een scheurwond met hechtingen tot gevolg had. De rechtbank oordeelde dat het letsel niet voldeed aan de criteria voor zwaar lichamelijk letsel, waardoor verdachte werd vrijgesproken van zware mishandeling.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte poging tot zware mishandeling heeft gepleegd door bewust de aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel te aanvaarden door meerdere steken in het gezicht van het slachtoffer toe te brengen. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, inclusief bijzondere voorwaarden zoals meldplicht bij de reclassering en ambulante behandeling.
De rechtbank hield rekening met de context van een langdurige burenruzie en de psychische problematiek van verdachte, waaronder een autismespectrumstoornis en een verhoogd risico op recidive. De reclassering adviseerde toezicht en behandeling om recidive te voorkomen.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €291,88 aan het slachtoffer, bestaande uit materiële en immateriële schade, met wettelijke rente en een schadevergoedingsmaatregel. Het inbeslaggenomen voorwerp, de paraplu, werd onttrokken aan het verkeer.
De rechtbank sprak de hoop uit dat verdachte de hulpverlening zal accepteren en benadrukte het belang van afstemming met hulpverlenende instanties.