Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 3 april 2025 in de zaken tussen
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Feiten
“Wat betekent dit voor u?
Motivering
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen met betrekking tot de uitspraken op bezwaar over de vergrijpboeten gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar welke betrekking hebben op de vergrijpboeten;
- vernietigt de vergrijpboete 2012, vergrijpboete 2013 en vergrijpboete 2014;
- verklaart de beroepen voor het overige ongegrond;
- bepaalt dat de inspecteur het griffierecht van € 50 aan belanghebbende moet vergoeden; en
- veroordeelt de inspecteur tot betaling van € 2.768,94 aan proceskosten aan belanghebbende.