ECLI:NL:RBZWB:2025:211
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen hoogte uitkering Schadefonds Geweldsmisdrijven wegens psychisch letsel door huiselijk geweld
Eiser heeft een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven aangevraagd wegens psychisch letsel door huiselijk geweld dat hij als minderjarige heeft waargenomen en waarvan hij ook slachtoffer zou zijn geworden. De commissie kende een uitkering toe op basis van letselcategorie 2, maar wees een hogere categorie af. Eiser maakte bezwaar en stelde dat hij recht had op een hogere uitkering omdat het geweld ook direct tegen hem was gericht.
De commissie handhaafde het besluit en de rechtbank toetste dit terughoudend. Uit de medische stukken bleek dat eiser in behandeling was voor psychische klachten, waaronder PTSS, maar dat deze niet uitsluitend het gevolg waren van het waarnemen van huiselijk geweld. Ook was niet aannemelijk dat het geweld een zeer lange duur had of van een ernstiger aard was zoals vereist voor letselcategorie 3.
De rechtbank concludeerde dat de commissie in redelijkheid de uitkering op letselcategorie 2 heeft vastgesteld en dat eiser onvoldoende objectieve aanwijzingen heeft geleverd voor een hogere categorie. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding en het griffierecht werd niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitkering op basis van letselcategorie 2 blijft gehandhaafd.