Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partijen
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
[aangever 42] , [aangever 43] , [aangever 44] ,
[aangever 2] , [aangever 3] , [aangever 4] ,
[aangever 16]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
[aangever 17]van € 370,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 23]van
[aangever 27]van € 900,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 28]van
[aangever 32]van
[aangever 33]van € 689,15 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 37]van € 600,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 38]van
[aangever 40]van € 2.955,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 41]van € 698,44 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 9]van € 275,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 1]van € 592,40 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 26]van € 572,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 31]van € 2.051,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[naam 9]van € 2.206,47 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 7]van
[aangever 10]van € 1.907,96 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 30]van
[aangever 34]van € 1.918,90 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 8]van € 400,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[bedrijf 4]van € 500,00 voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen vanaf 7 juni 2021 tot de dag der algehele voldoening;
[aangever 22]van
[aangever 15]niet-ontvankelijk in de vordering voor materiële schade ter hoogte van € 625,00 en bepaalt dat deze vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
[aangever 24] en
[bedrijf 11]niet-ontvankelijk in de vordering voor de gevorderde vergoeding voor materiële schade van € 25.000,00 en bepaalt dat de vordering voor dat deel bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;