ECLI:NL:RBZWB:2025:227

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
9 januari 2025
Publicatiedatum
17 januari 2025
Zaaknummer
C/02/430169 / FA RK 24-6044
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Willemsen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning zorgmachtiging voor verplichte zorg bij psychische stoornis

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 9 januari 2025 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1972. Betrokkene lijdt aan een schizo-affectieve stoornis, bipolair type, met een voorgeschiedenis van psychotrauma en ernstige psychische klachten die leiden tot ernstig nadeel zoals lichamelijk letsel, psychische schade en maatschappelijke teloorgang.

Tijdens de mondelinge behandeling werd betrokkene telefonisch gehoord, evenals haar advocaat en behandelend psychiater. Betrokkene gaf aan een nieuwe zorgmachtiging wenselijk te vinden omdat vrijwillige zorg, zoals het opstellen van een zelfbindingsverklaring, te belastend is. De behandelaar bevestigde dat betrokkene stress ervaart bij vrijwillige zorg en dat verplichte zorg noodzakelijk is.

De rechtbank oordeelde dat verplichte zorg nodig is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar. De toegewezen zorgmaatregelen omvatten medicatietoediening, medische controles, beperkingen in vrijheid en bij decompensatie opname en bewegingsbeperkingen.

De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van twaalf maanden, tot en met 9 januari 2026. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgelegd op 16 januari 2025. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden voor verplichte zorg aan betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/430169 / FA RK 24-6044
Datum uitspraak: 9 januari 2025
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1972 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. G.H.M. van Laarhoven te Tilburg.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 24 december 2024.
1.2.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 januari 2025. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, via de telefoon;
  • de advocaat van betrokkene, mr. G.H.M. van Laarhoven;
  • mevrouw [naam], psychiater, behandelaar.
Tevens was er een casemanager aanwezig, deze is echter niet gehoord.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 19 februari 2025.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden te verlenen.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft aan het een fijn idee te vinden dat er een nieuwe zorgmachtiging verleend wordt. Op die manier kan ingegrepen worden voordat de situatie uit de hand loopt. Betrokkene vindt dat ze dat nodig heeft. Ze is bang dat het anders escaleert wanneer ze een psychose heeft. Bij het opstellen van een zelfbindingsverklaring komt er bij betrokkene zo veel psychotrauma naar boven, dat ze dat eigenlijk niet aankan. Het liefste heeft betrokkene dat er gewoon weer een nieuwe zorgmachtiging wordt toegewezen.
4.2.
De behandelaar van betrokkene vertelt dat ze het gehad hebben over een zelfbindingsverklaring. Een poging tot het opstellen daarvan gaf betrokkene zoveel stress dat zij begon te decompenseren. Betrokkene wil daarom het liefst dat zij zorg krijgt onder het regime van een zorgmachtiging.
4.3.
De advocaat stelt dat betrokkene het niet overal mee eens is, maar wel met het voorliggende verzoek. De zorgmachtiging ondersteund haar en ze wil dan ook dat die wordt afgegeven voor de duur van twaalf maanden.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk onder meer schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en bipolaire-stemmingsstoornissen. Bij betrokkene uit dit zich in een schizo-affectieve stoornis, bipolair type en een voorgeschiedenis van psychotrauma.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.4.
Uit de overgelegde stukken en de mondeling behandeling blijkt dat bij psychische decompensatie van betrokkene stemmen en achterdocht de gedachten van betrokkene overnemen. Zij veroorzaakt dan overlast voor haar familie en omwonenden. Daarnaast stalkte ze en bedreigde ze haar moeder.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. In het verleden heeft medicatieontrouw geleid tot een toename van psychotische klachten. De afgelopen jaren is zij daarvoor meermaals opgenomen geweest. Nu heeft betrokkene meer inzicht in haar psychotische kwetsbaarheid vergaard en ziet zij in dat een zorgmachtiging voor haar een veilig vangnet kan zijn. Daarom is verplichte zorg nodig. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
5.7.
Daarnaast acht de rechtbank ook de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk indien sprake is van decompensatie van het toestandsbeeld van betrokkene en/of het ernstig nadeel niet langer in het ambulante kader kan worden afgewend:
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.9.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1972 in [geboorteplaats], inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen als genoemd in paragraaf 5.6 en 5.7 kunnen worden getroffen;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
9 januari 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2025 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van mr. Brok, griffier, en op schrift gesteld op 16 januari 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.