ECLI:NL:RBZWB:2025:230
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Ebben
- Rechtspraak.nl
Betaling factuur en wettelijke handelsrente na afwijzing contractsovername
In deze civiele procedure vordert Gbou B.V. betaling van een factuur van €9.075,00 plus wettelijke handelsrente en incassokosten van Friss Holding B.V. Gbou heeft in 2020 werkzaamheden verricht voor Friss Holding en factureerde deze in oktober 2021. Friss Holding betaalde niet en verweerde zich met het argument dat het project was overgedragen aan een andere vennootschap, waardoor zij niet langer aansprakelijk zou zijn.
De rechtbank oordeelt dat de contractsovername niet rechtsgeldig is omdat Gbou niet heeft ingestemd met de overdracht. Friss Holding blijft daardoor gehouden tot betaling van de factuur. De gevorderde wettelijke handelsrente over het openstaande bedrag vanaf 30 dagen na factuurdatum is eveneens toewijsbaar, evenals de buitengerechtelijke incassokosten conform het toepasselijke tarief.
Friss Holding wordt veroordeeld tot betaling van in totaal €12.286,94 plus rente en proceskosten. Het verweer van financiële onmacht faalt, aangezien dit de betalingsverplichting niet opheft. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is op 8 januari 2025 gewezen.
Uitkomst: Friss Holding wordt veroordeeld tot betaling van €12.286,94 plus wettelijke handelsrente en proceskosten.