ECLI:NL:RBZWB:2025:2307

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
18 april 2025
Publicatiedatum
18 april 2025
Zaaknummer
02-079514-24
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 240b lid 1 en 2 Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens ontbreken van opzet bij bezit en verspreiding kinderporno

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 18 april 2025 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het bezit en verspreiden van kinderpornografisch materiaal via Google Drive in de periode van 1 juli 2022 tot en met 29 februari 2024.

De officier van justitie stelde dat wettig en overtuigend bewezen was dat verdachte kinderporno in bezit had en verspreidde, gebaseerd op aangetroffen materiaal op twee telefoons en uploads naar Google Drive. De verdediging betwistte opzet en stelde dat verdachte niet wist hoe het materiaal op zijn telefoons was gekomen, mede omdat anderen ook gebruik maakten van de telefoons.

De rechtbank oordeelde dat hoewel kinderporno op de telefoons was aangetroffen, onvoldoende bewijs bestond dat verdachte zich bewust was van het materiaal of dat hij de intentie had dit te bewaren. Ook was niet bewezen dat verdachte het materiaal daadwerkelijk had verspreid, aangezien uploads dateren van vóór de ten laste gelegde periode en er geen bewijs was van delen met derden.

Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van opzet en verspreiding.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van opzet en verspreiding van kinderporno.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
parketnummer: 02-079514-24
vonnis van de meervoudige kamer van 18 april 2025
in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
raadsman mr. C.G.A. Mattheussens, advocaat te Roosendaal.

1.Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 4 april 2025, waarbij de officier van justitie mr. M.P. de Graaf en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte in de periode van 1 juli 2022 tot en met 29 februari 2024 kinderpornografisch beeldmateriaal (hierna: kinderporno) in bezit heeft gehad en heeft verspreid door dit te uploaden naar Google Drive.

3.De voorvragen

De dagvaarding is geldig.
De rechtbank is bevoegd.
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4.De beoordeling van het bewijs

4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich in de ten laste gelegde periode schuldig heeft gemaakt aan het in bezit hebben en verspreiden van kinderporno. Voor het bezit wijst de officier van justitie op het beeldmateriaal dat op twee telefoons van verdachte is aangetroffen. Volgens de officier van justitie is ook sprake van het verspreiden van kinderporno, omdat verdachte het beeldmateriaal op meerdere momenten heeft geüpload naar Google Drive.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging bepleit vrijspraak van het ten laste gelegde feit. Er wordt niet betwist dat er kinderporno op twee telefoons van verdachte is aangetroffen, maar de verdediging stelt dat verdachte hier niet van op de hoogte was, waardoor opzet ontbreekt. Verdachte heeft hier ter zitting over verklaard, dat hij echt niet weet hoe dit beeldmateriaal op zijn telefoons is gekomen en dat in het verleden ook anderen in zijn bijzijn gebruik hebben gemaakt van beide telefoons.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
Op 13 juli 2022 heeft het Team Bestrijding Kinderporno en Kindersekstoerisme van de eenheid Zeeland-West-Brabant (TBKK-ZWB) acht meldingsrapporten ontvangen, opgesteld in juni en juli 2022 door het Amerikaanse National Center for Missing and Exploited
Children (NCMEC). Op een later moment heeft het TBKK-ZWB nog twee meldingsrapporten ontvangen, opgesteld in december 2022.
Uit deze meldingsrapporten komt naar voren dat Google aan de Cybertipline heeft gemeld dat een gebruiker met de naam [verdachte] en het [telefoonnummer] vanaf verschillende IP-adressen en op meerdere momenten – voor zover bekend in juni 2018 en augustus en september 2020 – beeldmateriaal naar Google Drive heeft geüpload dat vermoedelijk kinderporno betreft. Onderzoek naar deze meldingsrapporten heeft het TBKK-ZWB naar verdachte geleid.
Op 14 september 2023 zijn onder meer twee mobiele telefoons (iPhone 7 en Motorola) van verdachte in beslag genomen, waarop in totaal 22 kinderpornografische video’s en foto’s zijn aangetroffen: vier video’s, vijftien foto’s of screenshots van die video’s en drie foto’s die niet van een video afkomstig zijn. Hiervan zijn zeven foto’s op de Motorola aangetroffen en het overige beeldmateriaal stond op de iPhone 7.
In bezit hebben van kinderporno
Vaststaat dat er kinderporno op twee telefoons van verdachte is aangetroffen. Volgens vaste rechtspraak is het in bezit hebben van dergelijk beeldmateriaal slechts strafbaar als sprake is van opzet.
Voor een bewezenverklaring van het opzettelijk in bezit hebben van kinderporno is vereist dat verdachte zich in meer of mindere mate bewust is van de aanwezigheid van dergelijk beeldmateriaal op een of meer van zijn gegevensdragers, hij hierover beschikkingsmacht heeft en hij de bedoeling heeft om dit beeldmateriaal te bewaren, dan wel onvoldoende maatregelen neemt om dit na ontvangst te verwijderen.
Hoewel het aantreffen van kinderporno op twee verschillende telefoons van verdachte in beginsel vragen oproept, bevat het dossier onvoldoende handvatten om vast te stellen dat verdachte zich bewust is geweest van de aanwezigheid van dit beeldmateriaal. Zo is onduidelijk gebleven wie de screenshots en/of foto’s van de video’s heeft gemaakt, op welke manier de uploads naar Google Drive plaatsvonden (automatisch of handmatig) en waar de drie direct benaderbare afbeeldingen opgeslagen waren. Hierdoor valt niet uit te sluiten dat het verhaal van verdachte klopt, zoals hij dit ter zitting naar voren heeft gebracht.
De rechtbank acht daarom niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzet heeft gehad op het bezit van kinderporno.
Verspreiden van kinderporno
De enkele constatering dat er beeldmateriaal naar Google Drive is geüpload, is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende om ook vast te stellen dat verdachte kinderporno heeft verspreid. Los van het gegeven dat de uploaddata – voor zover de rechtbank bekend – zijn gelegen ruim vóór de ten laste gelegde periode, is uit het procesdossier niet gebleken dat verdachte het geüploade beeldmateriaal via Google Drive ook heeft gedeeld met anderen of dat dit beeldmateriaal via Google Drive anderszins toegankelijk was voor anderen.
De rechtbank acht daarom niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte kinderporno heeft verspreid. De overige ten laste gelegde handelingen acht de rechtbank evenmin wettig en overtuigend bewezen.
Conclusie
De rechtbank acht, gelet op het voorgaande, niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en zal hem dan ook van dit feit vrijspreken.

5.De beslissing

De rechtbank:
Vrijspraak
-
spreekt verdachte vrijvan het ten laste gelegde feit.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.E.I. Beudeker, voorzitter, mr. D.S.G. Froger-Zeeuwen en mr. drs. J.M.J.C. Paijmans, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A. Lemmens, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 18 april 2025.
Mr. Froger-Zeeuwen en mr. drs. Paijmans zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
De tenlastelegging
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juli 2022 tot en met
29 februari 2024 te Tilburg en/of te [woonplaats] , in elk geval in Nederland,
meermalen, althans eenmaal
telkens
(een) afbeelding(en), te weten foto's en/of video's/films,
en/of
(een) gegevensdrager(s), te weten een of meer mobiele telefoons (Iphone 7
(goednummer A.01) en/of Motorola (goednummer A.03) bevattende (een)
afbeelding(en)
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar
nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken
heeft verspreid en/of aangeboden en/of openlijk tentoongesteld en/of verworven
en/of
in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of
met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft
welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
het met de/een penis anaal penetreren van het lichaam van een persoon die
kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
en/of
het met de/een penis anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon
door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(afbeelding #01, #02 in Overzicht geselecteerde Afbeeldingen en Toonmap)
en/of
het met (een) vinger(s)/hand betasten en/of aanraken van de gelachtsdelen en/of
van de billen en/of de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar
nog niet heeft bereikt
en/of
het met (een) vinger(s)/hand betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen door
een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog had bereikt bij zichzelf
(afbeelding #03, #04, #05 in Overzicht geselecteerde Afbeeldingen en Toonmap)
en/of
het anaal penetreren van een dier door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18
jaar nog niet had bereikt
(afbeelding #02 in Overzicht geselecteerde Afbeeldingen en Toonmap)
en/of hij (aldus) van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;
(art. 240b lid 1 en 2 Wetboek van Strafrecht)