ECLI:NL:RBZWB:2025:2336
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning aanleg tijdelijke ontsluitingsweg
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 17 april 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin verzoekster bezwaar maakte tegen een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oosterhout. Het betrof een vergunning voor het gedeeltelijk aanleggen van een tijdelijke ontsluitingsweg op een bedrijventerrein, gelegen in een gebied met de dubbelbestemming 'Waarde – Archeologie'.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster niet-ontvankelijk is omdat zij niet als belanghebbende kan worden aangemerkt. Hoewel verzoekster zich inzet voor duurzame ontwikkeling en milieubescherming in de regio Oosterhout, blijkt uit haar statuten dat zij niet expliciet tot doel heeft de archeologische waarden te beschermen. Aangezien de omgevingsvergunning betrekking heeft op een gebied met archeologische waarden, is haar belang niet rechtstreeks betrokken bij het besluit.
Op grond van artikel 1:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is belanghebbendheid vereist voor ontvankelijkheid. Het verzoek om voorlopige voorziening is daarom kennelijk ongegrond en wordt zonder zitting afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter T. Peters en griffier T.A.A. van Hooijdonk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van verzoekster.