ECLI:NL:RBZWB:2025:2609

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
2 april 2025
Publicatiedatum
30 april 2025
Zaaknummer
11161483 \ CV EXPL 24-1990
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Van Dam
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 lid 6 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering zorgverzekeraar wegens niet-betaalde premie en eigen risico

Zilveren Kruis heeft een vordering ingesteld tegen de verzekerde wegens niet-betaling van de zorgverzekeringpremie en het eigen risico. De verzekerde betwistte de vordering deels, met name het dubbele eigen risico voor dezelfde medische kwestie, omdat het ziekenhuis een fout maakte.

De kantonrechter oordeelde dat het eigen risico betrekking had op verschillende zorgkosten, waaronder oogheelkundige zorg en apotheekkosten, waarvoor de verzekerde niet had betwist dat deze onder het eigen risico vielen. Ook de niet-betaalde basispremies werden toegewezen.

Daarnaast werden de buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente toegewezen, omdat de aanmaning aan de wettelijke vereisten voldeed en de kosten binnen het toegestane tarief vielen. De verzekerde werd veroordeeld tot betaling van het volledige gevorderde bedrag, inclusief proceskosten, en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Verzekerde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige premie, eigen risico, incassokosten en rente aan Zilveren Kruis.

Uitspraak

RECHTBANKZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Bergen op Zoom
Zaaknummer: 11161483 \ CV EXPL 24-1990
Vonnis van 2 april 2025
in de zaak van
de naamloze vennootschap
ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Leiden,
eisende partij,
hierna te noemen: Zilveren Kruis,
gemachtigde: mr. J.J.F. de Geus (Flanderijn Gerechtsdeurwaarders),
tegen
[gedaagde],
wonende te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 3 juni 2024 met producties;
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek met producties 4 tot en met 27;
- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[gedaagde] heeft als verzekerde, met Zilveren Kruis als verzekeraar, een zorgverzekeringovereenkomst gesloten voor een basisverzekering. [gedaagde] is maandelijks bij vooruitbetaling premie verschuldigd aan Zilveren Kruis. Voor betaling van de premie wordt door Zilveren Kruis geen factuur verzonden. Voor de vergoeding van ziektekosten geldt een (wettelijk verplicht) eigen risico en/of eigen bijdrage. Voor zowel de betaling van het eigen risico, als de betaling van de eigen bijdrage stuurt Zilveren Kruis facturen aan [gedaagde] . Zilveren Kruis heeft deze facturen overlegd. Zilveren kruis heeft op 20 februari 2024 een brief aan [gedaagde] gestuurd, waarin zij aangeeft dat [gedaagde] binnen 15 dagen na ontvangst van de brief de hoofdsom inclusief rente van € 1.365,76 (bestaande uit de maandelijkse premie en het eigen risico) dient te voldoen. [gedaagde] heeft dit bedrag niet betaald.

3.Het geschil

3.1.
Zilveren Kruis vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen aan haar te betalen € 1.608,61 (€ 1.320,88 aan hoofdsom, € 239,74 aan buitengerechtelijke incassokosten inclusief btw, € 42,78 aan wettelijke rente tot en met 22 januari 2024 en € 5,21 aan wettelijke rente vanaf 23 januari 2024 tot 3 juni 2024), vermeerderd met de wettelijke rente over € 1.320,88 vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening en met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure.
3.2.
Aan haar vordering heeft Zilveren Kruis ten grondslag gelegd dat [gedaagde] de verplichtingen uit de zorgverzekeringsovereenkomst dient na te komen.
3.3.
[gedaagde] voert verweer. Hij maakt bezwaar tegen het in rekening gebrachte bedrag van het eigen risico. Hij stelt dat tweemaal een bedrag aan eigen risico in rekening is gebracht voor dezelfde medische kwestie. Het ziekenhuis heeft in eerste instantie de breuk in zijn hand niet onderkend, waardoor een tweede bezoek/behandeling noodzakelijk was. [gedaagde] stelt dat hij niet gehouden is het tweede bedrag aan eigen risico te voldoen. Het is volgens hem niet redelijk dat hij financieel verantwoordelijk wordt gehouden voor de fout van het ziekenhuis.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter stelt voorop dat [gedaagde] op grond van de zorgovereenkomst de premies en niet-vergoede kosten voor de zorg (het eigen risico) moet betalen.
eigen risico
4.2.
Uit de omschrijving bij de facturen blijkt dat het eigen risico in rekening is gebracht voor andere (be)handelingen dan de behandeling van een botbreuk in het ziekenhuis. Het gaat namelijk om oogheelkundige zorg en kosten van de apotheek. [gedaagde] heeft dit niet weersproken en ook niet weersproken dat hij hiervoor in het ziekenhuis en bij de apotheek is geweest. Bovendien is er geen discussie over dat deze kosten vallen onder het eigen risico. De kantonrechter stelt daarom vast dat Zilveren Kruis deze kosten terecht bij [gedaagde] in rekening heeft gebracht. [gedaagde] zal deze facturen dan ook moeten betalen.
maandelijkse basispremie zorgverzekering
4.3.
[gedaagde] heeft niet weersproken dat hij de gevorderde maandelijkse basispremie over de periode van 1 november 2021 tot 1 mei 2022 moet betalen en dat hij dat niet heeft gedaan. Dit onderdeel van de vordering zal daarom ook worden toegewezen.
buitengerechtelijke incassokosten
4.4.
Zilveren Kruis vordert daarnaast vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten. [gedaagde] heeft deze kosten niet (afzonderlijk) betwist. Omdat Zilveren Kruis aan [gedaagde] een aanmaning heeft gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro en de gevorderde vergoeding niet hoger is dan het tarief dat in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is bepaald, zal het bedrag van € 239,74 inclusief btw aan buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
wettelijke rente
4.5.
De gevorderde en niet weersproken wettelijke rente over de hoofdsom (van € 1.320,88) moet [gedaagde] ook betalen.
proceskosten
4.6.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Zilveren Kruis worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
137,39
- griffierecht
372,00
- salaris gemachtigde
408,00
(2 punten × € 204,00)
- nakosten
102,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.019,39

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Zilveren Kruis te betalen een bedrag van € 1.368,87 (bestaande uit € 1.320,88 aan hoofdsom en € 47,99 aan reeds vervallen wettelijke rente), te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 1.320,88 vanaf de datum van dagvaarding tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Zilveren Kruis van € 239,74 inclusief btw voor buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.019,39, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Van Dam en in het openbaar uitgesproken op 2 april 2025.