ECLI:NL:RBZWB:2025:2882
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen onbevoegdheidsuitspraak inzake niet tijdig nemen besluit Wet Herstel Toeslagen
Opposant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig opvolgen van een beslissing op bezwaar waarin de minister de schuld aan een deurwaarder inzake ABN AMRO zou overnemen. De rechtbank heeft zich op 6 november 2024 onbevoegd verklaard omdat er geen sprake was van het niet tijdig nemen van een besluit.
Tegen deze onbevoegdheidsuitspraak is verzet ingesteld. De rechtbank heeft dit verzet beoordeeld en geoordeeld dat het ongegrond is. De rechtbank benadrukt dat de minister op 22 september 2023 namens Sociale Banken Nederland een voor bezwaar vatbaar besluit heeft genomen, waartegen opposant bezwaar maakte. De minister heeft dit bezwaar deels gegrond verklaard en een nieuwe beslissing op bezwaar genomen op 8 februari 2024, waarin de schuld alsnog werd overgenomen.
De rechtbank stelt dat tegen een beslissing op bezwaar geen nieuw bezwaar kan worden ingesteld en dat de uitvoering van deze beslissing een feitelijke handeling betreft waartegen geen beroep bij de bestuursrechter openstaat. Indien opposant meent dat de minister niet tijdig heeft uitgevoerd, kan hij zich tot de civiele rechter wenden. Bovendien is de beslissing op bezwaar op 16 juni 2024 herzien, waarbij het bezwaar ongegrond werd verklaard en de schuld niet is overgenomen.
De rechtbank ziet geen reden om haar eerdere oordeel te wijzigen en verklaart het verzet ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de rechtbank bevestigt haar onbevoegdheid omdat geen sprake is van het niet tijdig nemen van een besluit.