ECLI:NL:RBZWB:2025:2916
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verkeersbesluit bushaltes gemeente Altena
Verzoekers hebben een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening tegen het verkeersbesluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena, waarin bushaltes werden ingesteld in een straat te een plaats binnen de gemeente. Het verzoek richtte zich tegen het besluit van 5 februari 2025 tot het plaatsen van bushaltes, verkeersborden en geblokte haltemarkering.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek zonder zitting behandeld omdat het verzoek kennelijk ongegrond was. Uit een schriftelijke verklaring van een medewerker van de gemeente bleek dat in afwachting van de beslissing op bezwaar geen gebruik zou worden gemaakt van de vergunning, waardoor de bushaltes en bijbehorende markeringen nog niet gerealiseerd waren.
Verzoekers werden verzocht om aan te geven of dit aanleiding gaf het verzoek in te trekken of om het spoedeisend belang nader toe te lichten, maar zij reageerden niet. Hierdoor concludeerde de voorzieningenrechter dat er geen spoedeisend belang bestond.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter R.P. Broeders en griffier T.A.A. van Hooijdonk op 14 mei 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het verkeersbesluit tot het instellen van bushaltes is afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.